Home Gemist Autoliefde, ook in onze buurt

Autoliefde, ook in onze buurt

De auto is dan misschien niet meer een heilige koe, ze is nog wel een geliefde koe. Zowel het autobezit als het autogebruik is in Amsterdam toegenomen. Interessant voor een stad waar de grootste partijen de auto liever zien verdwijnen. Hoe is de situatie in Oost? IJopener Magazine presenteert de feiten.

Lisa Scheerder | Illustratie Josien Vogelaar | IJopener

Amsterdammers bezitten met elkaar 243.256 auto’s. Dat worden er elk jaar meer. De bewoners van Oost bezitten samen 32.731 auto’s. Stedelijk staan we daarmee op de derde plaats. Nieuw-West is het stadsdeel met de meeste auto’s: 45.434, Zuid is tweede met 42.513. Binnen het verspreidingsgebied van de IJopener is veel variatie in het aantal auto’s per huishouden. Indische Buurt West bezit per huishouden de minste auto’s: 0,3 auto per huishouden. Het aantal auto’s per huishouden is in Zeeburgereiland/IJburg het hoogste, 0,7 per huishouden. Het Oostelijk Havengebied zit er tussenin met 0,5 auto per huishouden en de Indische Buurt Oost heeft 0,4 auto per huishouden.

Nederland bezit per huishouden gemiddeld 0,9 auto. In hele landelijke gebieden kan dat oplopen tot 1,4 auto per huishouden. Toch zijn er ook huishoudens in Amsterdam die meer dan één auto bezitten: in Nieuw-West is dat 13,8 procent van de huishoudens, in Noord 13,6. Zou dat met (het ontbreken van) parkeertarieven hebben te maken? In Oost zijn we een stuk bescheidener: hier bezit 4,1 procent van de huishoudens meer dan één auto.

Geen auto
Stedelijk heeft 34,9 procent van de huishoudens helemaal geen auto. Dat is meer dan het Nederlandse gemiddelde van 27 procent: in stedelijke gebieden is het autobezit lager dan in landelijke gebieden. Net als in Amsterdam neemt landelijk het aantal auto’s ook toe: 8,4 miljoen zijn het er nu. Jaarlijks groeit het autobezit met een paar procent. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven zijn samen goed voor een tiende van alle personenauto’s in Nederland.

Is het nu zo dat we onze auto ook meer gebruiken? Dat verschilt per stadsdeel. In Oost zijn 30 procent van de verplaatsingen per auto, 50 procent per fiets en 20 procent per openbaar vervoer. Stedelijk staan we hiermee op de vierde plek. Er zijn drie andere stadsdelen waar het gebruik van de auto hoger ligt: Nieuw-West (49 procent), Noord (45 procent) en Zuidoost (34 procent). In het Centrum vinden de meeste verplaatsingen per fiets plaats (62 procent) en Zuid-Oost is het stadsdeel met het hoogste percentage openbaar vervoerbewegingen (34 procent). Amsterdam is dus nog steeds een autostad: de meeste verplaatsingen vinden plaats per auto: 32 procent. Na de auto gebruiken we het liefst de fiets: 27 procent van alle verplaatsingen. 22 procent verplaatst zich per openbaar vervoer, 18 procent per voet en 1 procent per scooter/bromfiets.

De grijze rijder
Het verschilt nogal per leeftijd hoe je je het liefste verplaatst. Bij Amsterdammers jonger dan dertig jaar zijn de fiets en het openbaar vervoer de belangrijkste vervoersmiddelen. Vanaf het dertigste levensjaar vermindert de behoefte om met het openbaar vervoer te gaan ineens aanzienlijk. Vanaf die leeftijd, totdat de Amsterdammer vijfenveertig wordt, verplaatsen we ons het liefste per fiets. Maar vanaf vijfenveertig jaar verandert het weer. Vanaf die leeftijd gaat de Amsterdammer het liefst met de auto. En dat wordt steeds hardnekkiger: vanaf 65 jaar vindt de helft van de verkeersbewegingen per auto plaats. Dat belooft nog wat met de vergrijzing van onze buurt.

Laat een reactie achter

Please enter your comment!
Please enter your name here