Home Indische Buurt Buurtkoor Sannas in de Hermitage

Buurtkoor Sannas in de Hermitage

0

Bij het Sannaskoor uit de Indische Buurt zingen Surinamers, Antillianen en Nederlanders. De IJopener is op een maandagavond niet de enige bezoeker in de Gerardus Majellakerk. Het koor repeteert met een Australische performer en een Indiase muzikant voor de Moving Matters Traveling Workshop – over slavernijverleden in een postkoloniaal tijdperk. En daar kijken ze heel vrolijk bij.

Tekst Hannie Raaff | Foto Marcel de Cnock | IJopener

Dirigent Dennis Thompson legt even snel uit wat de bedoeling is. Over een paar dagen zal het koor samen met de twee buitenlandse muzikanten optreden in de Hermitage in Amsterdam. Het wordt een performance in de zaal van de Hollandse Gouden Eeuw. Gewoon tussen het publiek en de schilderijen. De titel van de performance is: Traverse Heritage, voice, body, movement.

We snappen er niets van. Waar gaat dit over? Wat gebeurt hier? De koorleden zitten er blijkbaar niet mee en volgen de instructies. ‘Ga in kleine groepjes in de kerk staan. Loop rondjes. Zing de volgende tonen na op de woorden miuo, mjoe, misa, nema pjoe….. juist. Nu zingen de sopranen pjamiso msio bla, miso blaja…..’

Goed voor je hersenen
Er volgen twee echte liedjes: het Afrikaanse Alonki kon dansi en Ladju Ladju, een lied van Surabaya. Normaal probeer ik mee te zingen, maar hier is geen beginnen aan. Gelukkig vinden drie koorleden even een minuutje om te vertellen wat het Sannaskoor zo bijzonder maakt.

Nanda (85) zingt al dertig jaar bij het koor. Ze is geboren in Paramaribo en woont sinds 1974 in Nederland. Ze zingt bij Sannas vanwege de prachtige liedjes waar je vrolijk van wordt en die goed zijn voor je hersenen. Haydie (57) zingt al haar hele leven, vroeger in Paramaribo en nu al 9 jaar bij Sannas. Ze vindt het leuk dat Sannas zo vaak optreedt en ze verheugt zich op het optreden in de Hermitage. Voorzitter Hilde (64) vindt de muziek prachtig maar ze houdt vooral van de lekkere ontspannen sfeer: ‘Hier gaat het niet om de noten, maar om de intentie, de sfeer is heerlijk ontspannen, zelfs voor een belangrijke uitvoering.’

Twee dagen later ontmoet ik het Sannaskoor weer. Eerst in de tuin van de Hermitage voor de fotoshoot en een uurtje later tussen de schilderijen ‘Hollanders van de Gouden Eeuw’. Dertig reusachtige groepsportretten uit de zeventiende eeuw hangen hier. Portretten van regenten, schutters, kooplieden. Mannen en vrouwen die aan de basis stonden van de cultuur en welvaart van ons land. Hollands trots.

Koloniaal bewind
Maar uit de speakertjes tussen de schilderijen klinken andere verhalen. Verhalen van de koorleden die vertellen over hun roots, hun voorouders. Hun geschiedenis die onlosmakelijk verbonden is met de geschiedenis van de slavernij en het koloniale bewind van Nederland. Het is alsof ze in discussie gaan met de schilderijen, ‘jullie hebben weliswaar voor welvaart gezorgd, maar wel ten koste van ons!’

Dat wordt nog versterkt als ze groepjes gaan vormen in de hoeken van de zaal en de wonderlijke klanken beginnen te zingen die ze een paar dagen eerder hebben ingestudeerd. De Australische en Indiase muzikanten voeren een soort dans uit. Sannas valt weer in met een lied. De argeloze bezoekers van het museum kijken ademloos toe. De geschiedenis schuurt, leeft, danst, zingt. Het applaus is overweldigend. En de IJopener is trots op dit gewone koor uit de Indische Buurt.