Home Carolien van Welij Dapper

Dapper

Column van Carolien van Welij

0

‘Wat dapper dat je in Amsterdam woont,’ zei laatst iemand tegen me op een feestje. Dapper? Wat voor een beeld heeft deze niet-Amsterdammer van wonen in deze stad? Zou die enig idee hebben van hoe het alledaagse leven in Amsterdam ook kan zijn? Ik heb dan meteen de neiging om te zeggen: loop (of vooral: fiets) een dagje mee.

Zoals vorige week zaterdagochtend. Ik moest naar de Keizersgracht. Veel te vaak kies ik voor de snelle route die maar drie minuten sneller is. Die ochtend niet. En omdat de zon scheen koos ik voor de Transvaalkade in plaats van de schaduw van de Ringdijk. Het was stil op straat. De gevels van de huizen weerspiegelden het licht. Aan de overkant zag ik mensen in gebukte houding op zoek naar iets. Een stok in de ene hand, een Albert Heijn-tas in de andere hand. Het was weer de tijd van de wilde kastanjes. Als ik daar fiets moet ik altijd even denken aan de koeien die daar vroeger stonden. De nieuwsgierige koeien met hun grote ogen die naar de Titaantjes keken. ‘En dan kon je ervan opaan, dat Bavink over Lien begon. Op de een of andere manier moeten die koeienoogen daar iets mee uit te staan gehad hebben,’ schreef Nescio. Bij het oversteken van de Wibautstraat moest ik even de stank en het lawaai doorstaan, maar met een blik op de silhouetten van de dromedarissen aan de rand van het spoor, reed ik onder het tunneltje door en kwam ik alweer in de volgende oase. Langs het water van de Amstel reed ik verder.

Als je ervaringen met Amsterdam altijd beginnen op het Centraal Station, dan is het misschien niet gek dat je wonen in Amsterdam als dapper bestempelt. De kruising van de Piet Heinkade en het Damrak doorstaan in een menigte denderende rolkoffers, bijna omver gereden door een kudde fietsers en die ene taxi die er ook nog probeert tussen te komen.

Maar ik woon niet in de binnenstad, ik woon in Oost. En in Oost wonen is niet dapper, maar vooral heel veel geluk.

Het verbaast me dat iemand die maar dertig kilometer verder woont eigenlijk geen idee heeft hoe dat is om in Amsterdam te wonen. Zo gemakkelijk ontstaan vooroordelen dus. En dan gaat dit nog over een onschuldig vooroordeel waar geen consequenties aan vast zitten. Hoe zit het dan met al die andere vooroordelen die we hebben?

Iedere keer dat ik mezelf betrap op een vooroordeel, moet ik weer slikken. Want vooroordelen had ik ook: op dat feestje ging ik me meteen verdedigen met een pleidooi over het moois van Amsterdam. Wachten met oordelen, eerst kijken, luisteren en praten. Dát is dapper.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here