Home Kunst Is graffitispuiten kunst of vernielzucht?

Is graffitispuiten kunst of vernielzucht?

0

Het had nogal wat voeten in de aarde voordat de graffitispuiters/schrijvers besloten met IJopener in zee te gaan voor een interview. Er was een aantal voorwaarden waaraan voldaan moest worden: in ieder geval anoniem en onherkenbaar. Dat was niet zo héél erg ingewikkeld.

Tekst en foto’s Lida Geers | IJopener

Op een zaterdagmiddag, die nou niet bepaald uitblinkt wat het weer betreft, wordt er afgesproken onder de Amsterdamsebrug. Het is een legale plek waar iedere graffitischrijver terecht kan om zijn innerlijke zieleroerselen op de muur te zetten. Het is een groepje van zes jongens dat zich verzamelt. Allemaal hebben ze een heleboel spuitbussen bij zich. Sommigen ook blikken verf en verfrollers. De radio gaat aan, een rapper met behoorlijk wat bas galmt tussen de pijlers van de burg.

Graffitispuiten geeft grotere kick dan in de kroeg hangen

Nooit geweten dat deze brug zo lang is en dat er zoveel pijlers onder staan. Alles staat vol met kleine en grote graffitikunstwerken en het lijkt erop dat er geen plaats is voor de zes. Maar dat is een vergissing. Het is namelijk heel normaal om gewoon over andermans werk heen te spuiten. Wat later blijkt: er zijn ook grenzen. Een van de jongens begint met het doorstrepen van een speciale handtekening die er verschillende keren staat. ‘Tja weet je, dat is zo’n klein rotjoch dat over zijn werk heeft heen gespoten, dus dat is zijn wraak’, licht een van de anderen toe. Een kleine vete dus!

Kat- en muisspel
Na wat gekletst en gerookt te hebben gaat de ploeg van start, of liever: enkelen van de groep beginnen. De woordvoerder gaat op de grond zitten en vertelt dat hij dat legale gedoe eigenlijk niets vindt. Hij is meer van wat hij noemt het verfraaien van rijdend materieel. ‘Dus jij bent het, die zorgt dat je soms ineens niet door een raam van de trein naar buiten kunt kijken!’ Met een grijns knikt hij. Treinen, bussen en andere rijdende objecten, dat is pas interessant naar zijn idee.

 

Met een smile wordt verteld dat zij overal in kunnen en van bijna alles een sleutel hebben. Over hoe ze daaraan komen zwijgen ze in alle talen. De beveiliging en politie zijn niet zo spannend, dan houd je je gewoon even koest tot ze weg zijn. Wat wel spannend is, is als er een helikopter boven het terrein komt hangen waar graffiti wordt gespoten. Op de vraag of hij er weleens aan denkt dat het eigendom van anderen is, wordt ontkennend geantwoord. ‘Dat schoonmaken kost hooguit tweehonderd euro. Weet je wat een boete kost als ze je betrappen? Achtduizend euro! Je mag wel in termijnen afbetalen. En je moet al je spuitbussen inleveren. Een vriend van mij heeft inmiddels al zestien bekeuringen en zit nu in de schuldsanering. Hij spuit nog steeds.’

Veel adrenaline
Op de vraag hoe oud hij was toen hij ermee begon, antwoordt hij: ‘Elf.’ Velen gaan ermee door tot hun dertigste, daarna komen ze kennelijk tot rust of mogelijk tot inzicht. Dat gekke gedoe van je naam ergens opzetten gebeurt meestal na een avondje stappen. Vooraf zijn de spuitbussen al ergens verstopt en als ze naar huis gaan, worden de spuitbussen opgehaald en wordt er lustig op los gespoten. ‘Héél veel adrenaline hè…’ De woordvoerder vertelt dat de meesten niet bepaald met een vooropgezet plan aan de slag gaan. ‘Meestal begin je gewoon en al gaandeweg kom je op een idee wat het moet gaan worden.’ Voor grote afbeeldingen wordt vaak een trap gebruikt, die soms wordt meegenomen maar er soms ook al staat. Bij een viaduct wordt het trapje gebruikt dat aanwezig is voor onderhoud; je kunt het zo naar beneden trekken.

Inmiddels zijn de jongens van zijn groep, hun leeftijd ligt tussen de 21 en 26 jaar, bijna allemaal aan het studeren en wonen ook niet meer in Amsterdam. Toch komen ze nog regelmatig bij elkaar om ieder op de eigen manier ouderwets een muur van een nieuw kunstwerk te voorzien. De woordvoerder vindt graffiti spuiten in ieder geval een betere bezigheid dan in de kroeg hangen. ‘Qua spanning is dat écht niets.’ Hij geeft toe dat graffitispuiten eigenlijk een vrij egoïstische activiteit is. ‘Aan de andere kant, het zijn gewoon studenten waar verder geen centje kwaad bij zit. Mensen hebben jammer genoeg een totaal verkeerd beeld van graffitischrijvers.’

Anderhalve dag na ons interview onder de Amsterdamsebrug, blijkt hun kunstwerk alweer overgespoten te zijn met de kreet ‘lekker’. Toen de woordvoerder dat hoorde mailde hij: ‘Hey Lida, ja dat zijn helaas weer van die kutkinderen die het voor de eerste keer doen en er totaal geen verstand van hebben. Dan krijg je dit soort dingen…’