Home Overzicht Oud-Zeeburgvoorzitter: sympathie voor wereldverbeteraars van toen

Oud-Zeeburgvoorzitter: sympathie voor wereldverbeteraars van toen

3
Stephan Steinmetz, voormalig stadsdeelvoorzitter van Zeeburg en auteur van ‘De Wieg'.

Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht spreekt IJopener met Stephan Steinmetz, schrijver van ‘De wieg, reisleider langs verschoven idealen’, over opkomst en neergang van de CPN, maar ook over die van zijn eigen partij, de PvdA. Van 1990 tot 1998 was Steinmetz voorzitter van het toenmalige stadsdeel Zeeburg. De reizende wieg uit de boektitel werd vanaf 1947 binnen de Amsterdamse CPN trap op, trap af gezeuld. Toen de laatste van de 46 baby’s erin lag, was deze communistische partij allang ter ziele.

Tekst Tineke Kalk | Foto Marcel de Cnock | IJopener

Zes jaar geleden werd projectgroep ‘De Wieg’ opgericht. Bijna alle leden behoorden ooit tot de grote CPN-familie en kenden wel een ouderpaar of een kind dat in de familiewieg had gelegen. De ene na de andere anekdote vliegt over de tafel als ze samen zijn. Moeiteloos dreunen ze de CPN-verkiezingsslogans op, zoals ‘Wilt u oorlog en ellende, stem dan Gortzak en zijn bende’. In totaal nam de projectgroep 37 interviews af, uniek materiaal over het leven van doodgewone Amsterdamse CPN’ers.

Stephan Steinmetz: ‘Ik zag er niet meteen een boek in toen een van de leden van de projectgroep, Ben van den Camp van uitgeverij AMB, bij mij aanklopte. Leuk voor een prentenboek, dacht ik.’ Toch ging hij op zoek naar aanvullende informatie in het archief van het CPN-district Amsterdam en het Internationale Instituut voor Sociale Geschiedenis. Dat instituut bleek in het bezit te zijn van de uitgebreide correspondentie van de eerste wiegbezitter, Peter Boezeman. De brieven mochten echter pas over twee jaar vrijgegeven worden. Toen de hulparchivaris met een grote doos kwam aanzetten, bleek daarin ook de bewuste correspondentie van Peter Boezeman te zitten. Steinmetz zei niets, maar toen vier uur later de deuren van de leeszaal sloten, had hij net alle brieven gescand. Bezwaard voelde hij zich niet. ‘Enige ijdeltuiterij was Boezeman ongetwijfeld niet vreemd. Niet voor niets heeft hij zijn brieven nagelaten aan het IISG.’

Doodgeboren kind
Steinmetz had trouwens nog een geluk: in het leven van het echtpaar Peter en Will Boezeman-Boekhoff nam de opkomst en neergang van de CPN een prominente plaats in. Steinmetz: ‘Dat de zwangerschappen van Will elke keer weer eindigden in een doodgeboren kind is niet alleen schrijnend, maar zou je symbolisch gezien ook als een vooruitwijzing kunnen zien van de jammerlijke mislukking van hun grootse idealen.’

Zowel zelfkritiek als klikken is gewenst; het collectief is immers belangrijker dan het individu

Aan de hand van het kleine verhaal het grote verhaal vertellen, is een procedé dat Steinmetz al eerder in zijn boeken gebruikte. In zijn eerste boek, De brievenbus van mevrouw De Vries, voert hij zijn bejaarde, gehandicapte buurvrouw uit de Indische Buurt ten tonele. In acht jaar tijd kreeg zij in totaal tweeduizend, vaak onleesbare, brieven van de (semi-)overheid toegestuurd. In zijn tweede boek, Asterdorp, beschrijft hij de geschiedenis van een in 1927 in Amsterdam-Noord gebouwde wijk voor ‘ontoelaatbaren’ aan de hand van de lotgevallen van Bram en Moos Viskoper. Zijn nieuwste boek De wieg is net als zijn voorgaande boeken goed geschreven.

Uilenspiegelclub
Peter Boezeman was vanaf 1949 in dienst van de CPN. Als redacteur van de partijkrant De Waarheid werd hij ‘vrijgesteld’, zoals dat heette in partijtaal. Dat gold ook voor zijn vrouw Will, die was aangesteld als secretaresse bij de Vereniging Nederland-USSR. Toen in 1950 Uilenspiegel, het communistische weekblad voor de hele familie, werd opgericht, besteedden Peter en Will al hun vrije tijd aan de jeugdpagina ‘Wij zijn jong en dat is fijn’. De jonge journalist Henk Nijman, die er snel bijkwam, opperde het dan nog revolutionaire idee om een jeugdredactie te vormen. Vanaf dat moment werd in het redactielokaal bij de Boezemannen thuis in plaats van sterke drank limonade geschonken. De kinderen werd wel aangeraden een schuilnaam te kiezen. De CPN mocht dan bij de verkiezingen in 1946 in Amsterdam de grootste partij zijn geworden, in de rest van het land was het verstandig om niet met je CPN-lidmaatschap te koop te lopen. Drie jaar later kwam er voor kinderen ook nog de Uilenspiegelclub, die uitgroeide tot drieduizend kinderen. Ze leerden er van alles: van knip-en plakwerk rond de Russische ruimtevaart tot het ontcijferen van geheime codes. En dat zowel zelfkritiek als klikken gewenst is; het collectief is immers belangrijker dan het individu.

Het ergste was royement
Opgroeien in een communistisch nest betekende in de jaren zestig opgroeien in een enclave. Een van de ergste dingen die je als CPN-lid kon overkomen was royement. Het uitgestoten worden uit de partij ging niet altijd expliciet. Het stille royement – bezwaar of protest was hier niet tegen mogelijk – liet de desbetreffende persoon ontredderd achter. Toen partijleider Paul de Groot in 1963 besloot dat de CPN niets meer met de Sovjet-Unie te maken moest hebben, luidde dat ook het einde in van de Uilenspiegelclubwaar de Boezemannetjes dweepten met de Sovjet-Unie. Peter verloor zijn baan als redacteur van De Waarheid. Hoewel verbitterd, bleef hij in dienst van de partij vanwege de pensioenopbouw. Zijn huwelijk met Will was eerder al gestrand. Pas tegen het einde van haar leven, in 2000, nam zijn ex-vrouw afscheid van haar geloof in de communistische heilstaat en besefte ze dat zij naïef was geweest.

Ook Steinmetz flirtte tijdens zijn studententijd in 1974 even met het marxisme. Maar van de CPN werd hij uiteindelijk geen lid, hoewel hij wel af en toe voor De Waarheid schreef. Vanaf 1977 woont Steinmetz in de Indische Buurt waar hij aanvankelijk als lid van de PSP als wijkduif de krantjes verspreidde. In 1989 besloot hij lid van de PvdA te worden en zich verkiesbaar te stellen voor eerste deelraadsverkiezingen. In die tijd was de buurt nog behoorlijk verkrot en het domein van junks en krakers. Er woonden noch PvdA-raadsleden noch partijkader in deze achterstandsbuurt. Zelfs de ambtenaren die over de stad verspreid moesten worden, wilden hier niet naartoe overgeplaatst worden. Steinmetz: ‘Wist je dat wij eerst Indische Havens heetten? In het Oostelijk Havengebied woonden toen nog nauwelijks mensen.’

Deelraad Zeeburg
Een jaar later werd Steinmetz, als nummer twee van de lijst, in de deelraad van Zeeburg gekozen. Toen binnen vier maanden de voorzitter van de raad vertrok, nam hij diens plaats in. Steinmetz: ‘We waren destijds meer buurtactivisten dan echte politici. In vergelijking met nu hadden wij grote bevoegdheden en konden veel bereiken. Na mijn tijd zijn die bevoegdheden stap voor stap meer ingeperkt. Bij de komende verkiezingen in maart stemmen wij voor een benoemd orgaan. De gekozen bestuurscommissie wordt vervangen door een door het College benoemd dagelijks bestuur. Met lokale democratie heeft dat natuurlijk niets meer te maken.’

Steinmetz zegt verder: ‘Zo’n grote nederlaag als de PvdA recent geleden heeft, kan zuiverend werken. Maar alleen als je afstapt van het consumentisme in de politiek: “u roept, wij draaien”. In de nadagen van de CPN pleitte Marcus Bakker al voor een politiek leidend verhaal, een centraal gedeelde visie. Dat mis ik nu bij de PvdA. De partij heeft trouwens, en dat zie je ook bij andere politieke partijen, haar regionale wortels verwaarloosd. Daar worstelde de CPN in haar nadagen ook mee, toen ze overstroomd werd door studenten uit de randstad en welzijnswerkers. Ik ben ervan overtuigd dat als de randstad door de Q-koorts getroffen zou zijn, er veel eerder actie ondernomen zou zijn.’

Veel individualistischer
‘De maatschappij is veel individualistischer geworden, dat zag ik ook bij de “wiegelingen”. Degenen van hen die nog politiek actief zijn, zijn dat in bewegingen als Amnesty International en Greenpeace. Of ze vormden de idealen van hun grootouders en ouders om tot een eigentijds verhaal. Iemand trouwde bijvoorbeeld met een Indiër. In haar keuze voor spirituele yoga vindt zij de idealen van haar ouders en grootouders terug. In het communisme en in de yogabeweging gaat het om empowerment. Een beter leven voor iedereen, dat is de overlap.’ Er is nog iets veranderd bij de latere generatie: lid worden van een politieke partij wordt gezien als een verzwakking van de individuele kracht en een inperking van de keuzemogelijkheid. Dan moet je je immers voegen, jezelf een beetje wegcijferen voor een collectief belang.

Oud-wethouder van de CPN Roel Walraven vindt het boek van Steinmetz trouwens een schandalig boek. Volgens hem krijgen dode mensen een trap na. De leden van de projectgroep zijn het hier niet mee eens, zij zijn juist razend enthousiast over het boek. Steinmetz: ‘Ze waren bang dat ik dat ik hen Goelag-toestanden zou aanwrijven, maar ik kreeg juist tijdens het schrijven hoe langer hoe meer sympathie voor de pogingen van die oudere generatie om de wereld te verbeteren.’

3 REACTIES

  1. Gefeliciteerd met dit uitstekende interview, dat het onderwerp en de auteur alle recht doet.
    Als lid van die zogenaamde projectgroep De Wieg denk ik dat te kunnen beoordelen.

  2. Mijn critiek gaat niet om wat de wiegelingen schreven, maar over wat de schrijver er bij heeft gevoegd in de stijl van roddel en verzinsels

Laat een reactie achter

Please enter your comment!
Please enter your name here