Home Eten&Drinken Rocco Veenboer neemt nu ook exploitatie Lloyd Hotel over

Rocco Veenboer neemt nu ook exploitatie Lloyd Hotel over

0

Lloyd Hotel een nieuwe eigenaar. Rocco Veenboer neemt het hotel over van de oprichters Gerrit Groen, Suzanne Oxenaar (artistiek directeur), Otto Nan (zakelijk directeur). In 2016 nam Veenboer het gebouw van Wooncorporatie De Key over, nu komt ook de exploitatie in zijn handen.

Lloyd Hotel is sinds de opening in 2004 een internationale trendsetter in de hotelbranche en de culturele sector. Het is het eerste 1- tot 5-sterrenhotel ter wereld en een icoon van Dutch Design. ‘Het was een fantastisch avontuur om dit bijzondere monumentale gebouw te transformeren in Lloyd Hotel & Culturele Ambassade’, aldus Oxenaar en Nan. ‘We zijn trots op het hotel, dat echt een thuis is geworden voor Amsterdammers en internationale gasten. Gelukkig weet Rocco het huidige concept op waarde te schatten en kunnen wij het hotel met een gerust hart aan hem overdragen.’

Spectaculair art deco design voor restaurant

Veenboer is bekend als oprichter van house & techno-evenement Awakenings, dat jaarlijks 150.000 bezoekers verwelkomt. Rocco heeft een speciale connectie met het gebouw: Jan Veenboer, zijn oom, was begin jaren ’80 directeur van de jeugdgevangenis die in 1989 sloot. ‘Tijdens de periode dat mijn oom Jan directeur was kwam er een discussie op gang omdat hij, maar ook vele politici, het gebouw niet geschikt vond als gevangenis’, aldus Veenboer. ‘Suzanne en Otto hebben het rijksmonument uiteindelijk de bestemming gegeven die het verdient.’

Veenboer is van plan om in samenwerking met (interieur)architecten een spectaculair art deco design te ontwerpen voor het restaurant. Veenboer heeft een warme en comfortabele inrichting voor ogen. Het terras wordt voor de zomer al aangepakt. De kamers zullen ook de nodige aandacht krijgen. Veenboer: ‘Ik ben enorm dankbaar dat deze jongensdroom uitkomt. Ik heb veel zin om samen met Piet Boogert, ervaren general manager, het hotel te gaan runnen. Het Lloyd Hotel moet een plek worden van nooit meer naar huis; muziek, eten en slapen. Een nieuwe fase in de toch al zeer rijke geschiedenis van het gebouw.’