Home Sculpturen Sculpturen van Oost: De Schreeuw

Sculpturen van Oost: De Schreeuw

0

In de serie Sculpturen van Oost ‘De Schreeuw’ – het monument dat ter nagedachtenis aan regisseur, televisiemaker, columnist en opiniemaker Theo van Gogh op 18 maart 2007 in het Oosterpark is onthuld.

Tekst en beeld Méland Langeveld

Het ontwerp van het monument is van beeldhouwer Jeroen Henneman. Het is 4,5 meter hoog en het is gemaakt uit roestvast staal. Het beeld laat een gestileerd profiel van een gezicht zien dat aan de ene kant schreeuwt en aan de andere kant een gesloten mond heeft. In zes frames gaat een gesloten mond over in een stille schreeuw. Het verbeeldt de spanning tussen schreeuwen en zwijgen, de vrijheid van meningsuiting. Maar ‘De Schreeuw’ verbeeldt ook de moord zelf: Van Gogh schreeuwde niet vermoord te worden. Maar impliciet is er ook een link met het medium flm. De zes gebogen delen, waar het beeld uit is opgebouwd, verwijzen naar een opeenvolging van filmbeelden.

Aanleiding Het is alweer elf jaar geleden dat Theo van Gogh – op 2 november 2004 in de Linnaeusstraat, in de buurt van het Oosterpark – door een extremistische moslim op gruwelijke wijze wordt vermoord. Van Gogh’s controversiële uitspraken, en vooral de film ‘Submission’ die hij samen maakte met Ayaan Hirsi Ali, zijn voor Mohammed B. de aanleiding voor de moord. Op de plaats van de moord komen in de dagen erna vele bloemen, brieven en andere rouwbetuigingen. Na twee weken gaat alles naar het kantoor van de productiemaatschappij van Van Gogh. Het Amsterdams Museum en het Rijksmuseum maken daarna een keuze uit de meest aansprekende voor- werpen om te bewaren, en het grootste deel van de brieven gaat naar het Gemeentearchief van Amsterdam.

Cactus De opdracht voor het monument is een beeld te ontwerpen rond de cactus: het kunst- werk diende te ‘prikkelen’. De cactus verwijst naar Een prettig gesprek, de jarenlange serie tv-interviews van Theo waar hij telkens bij afloop een cactus cadeau gaf aan zijn gast. Henneman: ‘Met een cactus doe je Theo onvoldoende recht, dat prikkelen was maar een klein detail van hem.’ Het beeld dat de beeldhouwer voor ogen krijgt, is een engel die Theo de mond snoert. De vrijheid van meningsuiting moet centraal staan in het monument, vindt Henneman. Een ander idee dat hij uitwerkte is een achterovervallende figuur die zich aan zijn fiets vastklampt. Daaruit ontstaat een achterovervallende figuur, weergegeven in strakke lijnen met zowel aan de onderkant als de bovenkant een gezicht. Voor een presentatie vergroot hij de voorstudie uit. ‘En toen zag ik het. Ik dacht: dit moet het worden: alleen een gezicht dat in een aantal fasen van een schreeuw naar stilte verloopt’, aldus Henneman.

Jeroen Henneman is geboren in Haarlem (1942) en studeerde van 1959 tot 1961 aan het Instituut

_____