Home Overzicht Stadsdeelvoorzitter Maarten Poorter: Oost is springlevend!

Stadsdeelvoorzitter Maarten Poorter: Oost is springlevend!

0

Maarten Poorter is de nieuwe stadsdeelvoorzitter. Hij is de eerste niet gekozen, maar benoemde baas van Amsterdam Oost. De PvdA’er volgt daarmee Ivar Manuel van D66 op, die overigens wel lid van het driekoppige bestuur is gebleven. Rick Vermin van Groen Links is de derde door B&W benoemde politiek bestuurder.

Tekst Arie van Tol | Foto Dineke Rizzoli

‘Men weet dat ik geen voorstander ben van het nieuwe bestuurlijke stelsel in Amsterdam. Dat ik benoemd ben en alleen een formele verantwoordelijkheid heb naar B&W en niet naar gekozen politici in Oost, niet naar bewoners van Oost, verdient allerminst een schoonheidsprijs.’ Maarten Poorter voelt zich geroepen direct bij het begin van ons gesprek zijn positie, en die van het bestuur van Oost, duidelijk te maken.

‘Geen enkele partij is echt blij met het nieuwe stelsel. Maar de partijen die de komende vier jaar de bestuurders in Amsterdam leveren – Groen Links, D66, PvdA en SP – zien in de politieke praktijk nog wel degelijk een belangrijke rol voor de stadsdelen. De politicus en burger van het stadsdeel zijn formeel op afstand gezet, maar bij met name de versterking van de gebiedsgerichte benadering kan de participatie enorm baat hebben. Juist de onderwerpen die dicht bij de mensen staan in de buurten, daarvoor moet je bij het stadsdeel zijn.’

Start politieke carrière
De afgelopen acht jaar was hij gemeenteraadslid voor de PvdA in Amsterdam. Met name zorg, jeugd en onderwijs waren de onderwerpen waar hij zich op richtte. Onderdeel van de stedelijke coalitieonderhandelingen was het verdelen van de bestuurdersfuncties in de zeven stadsdelen. Dat Maarten Poorter daarbij stadsdeelvoorzitter van Oost zou worden lag niet direct voor de hand. Hij woont immers in Noord.

‘Sinds enige tijd woon ik in Noord. Maar tien jaar lang woonde ik in Oost. Ik ken het stadsdeel goed en ben er in het lokale bestuur van de PvdA mijn politieke carrière begonnen.’ Tot voor kort combineerde hij de politiek met een eigen adviesbureau: onder andere het trainen van medezeggenschapsraden. ‘Ik ben de politiek ingegaan om iets te doen voor mensen die het minder goed hebben, de kwetsbare medebewoners.’

Sociaal domein
Maarten Poorter heeft zich als gemeenteraadslid sterk gemaakt voor het tegengaan van eenzaamheid. Het is één van de terreinen waarop hij ook als bestuurder van Oost een hoge ambitie heeft. ‘Natuurlijk gebeurt er al veel, maar in het sociale domein kan dat wat mij betreft nooit te veel zijn. De verborgen eenzaamheid en de stille armoede zijn enorme problemen. We moeten burgerinitiatieven van onderop ondersteunen. Het stadsdeel moet samen met de welzijnspartners naar nieuwe mogelijkheden zoeken, en bestaande projecten mogelijk houden.’

‘Goed en gezond thuis kunnen blijven wonen moet voor (meer) ouderen mogelijk worden gemaakt. Bezuinigen op thuishulp is gewoon een dom besluit.’ Niet alleen bij de uitvoering van beleid, maar ook bij het aanreiken van feitelijke gegevens voor nieuw gemeentelijk beleid, is de rol van het stadsdeel belangrijk. Thema’s als gentrificatie, het in stand houden van volksbuurten, het opknappen van winkelstraten als de Eerste van Swindenstraat en schuldhulpverlening behoeven lokale bestuurlijke (en politieke) bemoeienis.

Links
‘Een nieuwe lente, een nieuw geluid’, het ambitieuze coalitieakkoord van het nieuwe Amsterdamse bestuur, zal ongetwijfeld ook in Oost voor veranderingen zorgen. De ruimere aandacht voor de kwetsbare bewoner is hierboven aangestipt.

De beleidswijzigingen bij Wonen zullen volgens Maarten Poorter ook in Oost snel merkbaar zijn. Zij springen wellicht het meest in het oog. ‘De stop op de verkoop van sociale woningbouw is een ingrijpende koerswijziging. Dat nieuwbouw in principe gerealiseerd wordt in de verhouding 40 procent sociale huur, 40 procent middensegment en 20 procent duur is ook voor projecten in Oost, bv Sluisbuurt en Bajeskwartier, essentieel. En het college wil dat de kwaliteit van woningen sterk verbetert. Het is mijn terrein niet – Ivar Manuel is van Wonen -, maar dat dit belangrijke items zijn is duidelijk.’

Villa des Roses
Als gemeenteraadslid heeft Maarten Poorter intensief de ontwikkelingen rond de locatie Robert Kochplantsoen 19 gevolgd. Het initiatief van omwonenden om er een speciale vorm van ouderenhuisvesting te starten stond hem direct aan en juicht hij nog steeds toe. Maar of de vastgoedstrategie die het vorige college volgde – er moest zo veel mogelijk publiek bezit verkocht worden tegen een zo hoog mogelijke prijs – tijdig kan worden teruggedraaid in het geval van deze locatie weet hij niet.

Ook heeft hij geen sluitend antwoord op de vraag waar de betrokkenen zoals die van initiatiefgroep Villa des Roses nu wel of niet hun verhaal kunnen of moeten doen. ‘Ik ben geneigd te zeggen dat inspreken het best maar op alle mogelijke plekken gedaan moet worden. In dit geval bij de gebiedscommissie Watergraafsmeer, bij de stadsdeelcommissie, maar ook bij de betreffende commissie van de gemeenteraad en bij de gemeenteraad.’ Buiten dat inspreken zijn contacten met bestuurders en ambtenaren van minstens zo groot belang. Participatie is er zo niet eenvoudiger op geworden, van de burger vergt het in ieder geval buitensporig veel tijd en energie.

Maatwerk
‘Het stelsel mag dan formeel weinig ruimte laten aan bewoners en lokale politici, het bestuur wil graag een cultuur creëren waarin hun stem er toch wel toe doet. Bij een gebiedsgerichte benadering hoort ook het overlaten van beslissingen aan betrokkenen van dat gebied.’ Maar er is altijd een spanningsveld rond de vraag welke beslissingsbevoegdheid gelaten kan worden aan de kleinst mogelijke collectieve eenheid.

In de praktijk verandert er misschien wel helemaal niet zo veel. De overlast in het Oosterpark bijvoorbeeld is al decennialang een item. En altijd weer neemt het stadsdeel het initiatief – meestal na een stroom klachten van omwonenden – om met betrokken instanties om de tafel te gaan zitten. ‘We blijven ons natuurlijk inzetten voor een veilig en prettig stadspark.’

De agenda van een vergadering van de stadsdeelcommissie ziet er ook niet al te anders uit dan afgelopen jaren. ‘Er mag dan een stelselwijziging zijn toegepast op bestuurlijk Amsterdam, de stadsdelen zijn er nog altijd. Misschien komt het door de berichtgeving, misschien door de matige PR van stadsdelen, dat de bewoners soms veronderstellen dat er geen stadsdelen meer zijn. Maar: stadsdeel Oost is niet afgeschaft, stadsdeel Oost is springlevend!’

Raadszaal
Het gesprek eindigt in een gedeelde ergernis over de matige informatievoorziening over de Amsterdamse politiek aan haar bewoners. Maarten Poorter beaamt dat relevante informatie voor politiek betrokken burgers doorgaans moeilijk is te vinden op www.Amsterdam.nl. Het verdwijnen van de eigen stadsdeelwebsites heeft het er niet gemakkelijker op gemaakt. Met de inhoud en frequentie van de eigen maandelijkse krant van Amsterdam kunnen politiek betrokken burgers al evenmin moeilijk tevreden zijn.

‘Maar Rutger Groot Wassink is niet voor niets wethouder van democratisering geworden. Ik verwacht van hem veel nieuwe initiatieven om burgers weer meer te betrekken bij de stad, bij de keuzes die een stad moet maken. Dat het goed informeren van burgers daarbij voorop staat weet hij als geen ander.’

Als we elkaar al bijna de hand geschud hebben ten afscheid komt Maarten Poorter nog met een laatste geruststellend antwoord: ‘We gaan dubbelgebruik stimuleren, maar de huidige raadszaal van Oost wordt niet ontmanteld.’ Dat gerucht ging, en intensief gebruiker van die zaal, Rode Loper op School, was bang ook te moeten uitwijken naar de Stopera.