Home Groen Verkeer stoort bijenvolken niet

Verkeer stoort bijenvolken niet

De bijenkorven in het kunstwerk Voor de Bijen op de kruising Rietlandpark, Panamalaan en Piet Heinkade hebben vanaf 2013 te maken gehad met leegstand. Erik van Rosmalen, inmiddels de derde imker, heeft in juni twee bijenvolken geplaatst. Hij is zeer positief over hoe de nieuwe bewoners de afgelopen zomer hebben doorstaan.

Tekst Lida Geers | Foto’s Lida Geers en Erik van Rosmalen | IJopener

Op 24 april 2004 werden er voor het eerst bijenkorven geplaatst in het kunstwerk van Frank Mandersloot. Het in opdracht van het Amsterdams Fonds voor de Kunst gemaakte werk staat bij de halte van lijn 26 en lijn 7, aan de mond van de Piet Heintunnel. Het bestaat uit vier enorme op elkaar gestapelde tafels. De onderste twee tafels zijn van beton, waarvan de eerste tafel met zijn poten op het perron van lijn 26 staat en het tafelblad gelijk loopt aan het wegdek van de kruising. De bovenste twee tafels zijn van hout. Aan de bovenste tafel hangt een metalen platform, waarop houten bijenkorven staan. Het idee van de kunstenaar was daar een aantal bijenvolken te huisvesten. Vooraf werd al de vraag gesteld of het een goede plek was voor de bijen. Er is veel verkeer, de korven staan vol in de wind. Bovendien vroeg men zich af of de bijen voldoende voedsel, oftewel dracht zoals dat zo mooi heet, zouden kunnen vinden. In de loop der jaren bleek het een wisselend succes. Sinds 2013 werden de korven niet meer bewoond.

Twee nieuwe volken
Die twijfels heeft Erik van Rosmalen, grafisch ontwerper, eigenlijk niet. Hij volgde negen jaar geleden de cursus Bijenteelt voor Beginners bij NBV imkervereniging Amstelland, waarna de liefde voor de bijen een feit was. Inmiddels heeft Erik zes bijenkorven ondergebracht in het bijenpark van Amstelland, Amstelveen, drie in Klein Danzig, gelegen naast de schooltuinen in Park Frankendael, en nu sinds juni twee in het kunstwerk Voor de Bijen. Erik: ‘De gemeente zocht een imker uit de buurt en ik woon er vlakbij. De tafels staan behoorlijk in de wind, dus als het een winderige dag is, ga ik niet naar boven. Het is ook veel hoger dan je in eerste instantie denkt.’ Lachend legt hij uit hoe je boven in de tafels komt. ‘Het is allemaal behoorlijk technisch. Je hebt een afstandsbediening, waarmee je een soort vlizotrap uit de tafels naar beneden haalt. Het laatste stuk doe je met de hand. Het is een smalle trap met een wiebelige leuning. Als je die trap op bent, kom je in een soort tussenruimte van de twee op elkaar liggende tafelbladen, waar je wat gereedschap kunt opbergen. Daarna kan je hydraulisch een luik openen dat toegang geeft tot de bovenkant van de derde tafel. Op deze tafel zijn twee hydraulische liftjes om bij de bijen te komen.’ Naast de houten korven, die bij het kunstwerk horen, heeft Erik twee kunststof korven neergezet. Ze zijn gemaakt in België volgens het principe van de heren Dadant, een Fransman, en Blatt, een Zwitser. De Belgische imker Marc Missotten heeft dat idee weer verbeterd, de wanden zijn dikker en de binnenruimten hebben de ideale maten voor de bijen. Volgens Erik de juiste korven voor deze bijzondere plek. Het moest uiteraard eerst met de kunstenaar worden besproken of hij het goed vond, die kunststof korven. En dat vond hij.

Meer bijen
Op de vraag of de bijen wel genoeg voedsel kunnen vinden zo tussen die grote gebouwen en wegen, vertelt Erik dat dit reuze meevalt. ‘De werksters, de vrouwtjesbijen, hebben in de zomer met warm weer een actieradius van ongeveer drie kilometer. In maart als ze beginnen met uitvliegen blijven ze dichter bij huis.’ Bij de tafels in de buurt staan in het voorjaar veel bloeiende bomen, zodat daar veel stuifmeel gehaald kan worden. In de zomer is dat wat moeilijker, te oordelen naar het stuifmeel dat Erik in de korven vond. Toch hebben de bijen het afgelopen zomer reuze naar hun zin gehad. Wel laat Erik ze nog een beetje met rust en heeft bijvoorbeeld nog geen honing weggehaald. ‘Dat komt volgend jaar wel.’ Als de bijen goed de winter doorkomen en het volk gezond blijft, komen er volgend jaar zeker een paar volken bij. Van zijn andere bijen heeft hij wel volop honing, die verkoopt hij als voorjaars- en zomerhoning voor vijf euro per pot.

info@rosmalen-schenk.nl | Borneolaan 511

Bijenwetenswaardigheden

Bijen leven in kolonies, die in juni bestaan uit 45.000 tot 90.000 per kast. In een kolonie zijn drie soorten leden: de koningin, darren, en werksters. De koningin leeft 2-5 jaar en kan afhankelijk van de grootte van haar volk maximaal 1900 eitjes per dag leggen. Er is rondom de koningin voortdurend een groep verzorgende werkbijen aanwezig, de hofstaat. Dit ‘verzorgen’ bestaat uit het likken, wassen en voeden van de koningin. De dar leeft 40-50 dagen. Darren zijn de mannetjesbijen, die naast het bevruchten van de koningin tijdens de bruidsvlucht, verder niets hoeven te doen.

De meeste bijen zijn werkster. Ze leven 1 tot 4 maanden. Zij zijn vrouwtjes, maar onvruchtbaar. Ze werken hard om honing te maken en steken als ze zich willen verdedigen!

Hoe lang duurt het om een werkster te worden? Van ei (3 dagen) naar larf (6 dagen) naar pop (12 dagen) is samen 21 dagen tot volgroeide werkster. Het duurt 24 dagen om een dar te worden, en 16 dagen om koningin te worden.

Bijenvoedsel op je balkon

In je tuin of op je balkon kun je planten zetten die bijen lekker vinden en die zo bijdragen aan het in leven houden van dit volk. Denk bijvoorbeeld aan dille en wilde marjolein, blauwe druifjes, zonnehoed en helleborus. Een uitgebreid overzicht vind je op http://users.telenet.be/imkerbondzoersel/bijenplanten

Laat een reactie achter

Please enter your comment!
Please enter your name here