Home Gemist Vijf minuten je ogen dicht

Vijf minuten je ogen dicht

0

Ik loop de trap af, en voor me uit loopt mijn buurvrouw van tweehoog. Beneden aan de trap groet ze me vriendelijk. Haar donkerblauwe djellaba reikt tot aan haar voeten en om haar hoofd heeft ze een wit sjaaltje gestrikt. ‘Buurvrouw, is mooi weertje hè,’ zegt ze lachend, en daarmee gunt ze me een blik op haar slechte gebit. ‘Ja, eindelijk voorjaar. Daar zijn we wel aan toe na al die regen en storm.’

Ze opent de deur voor me en samen lopen we naar buiten. ‘Waar jij naar toegaan?’ ‘Eventjes naar de supermarkt,’ antwoord ik. ‘O, ik ook boodschappen doen. Ik meelopen?’ Ik knik instemmend. We slaan de hoek om. Een rinkelende tram dendert aan ons voorbij. De zon schijnt recht in onze gezichten en voelt heerlijk ontspannen aan. M’n buurvrouw heeft een stevig postuur, ademt zwaar en waggelt als een eend achter me aan. Toch is ze, denk ik, niet veel ouder dan ik. Ik houd mijn pas voor haar in. Ze glimlacht en komt naast me lopen.

‘Met Yasmine alles goed?’ vraag ik haar. ‘Ja, goed op school en goeie rapport.’ ‘Slimme dochter heb jij, lief ook. Laatst liep ik met haar mee toen ze uit school kwam, en ze zei tegen me dat ze later dierenarts wilde worden, want ze hield zo van dieren.’ M’n buurvrouw lacht, en is zichtbaar blij. ‘Ja, ze wil graag hond, maar wij niet vinden goed. Probleem met geloof.’ Ik knik. ‘Wat jammer voor Yasmine, want ze is zo gek met onze hond.’

‘Waarom jij geen kindertjes krijgen?’ vraagt ze me plompverloren.
Ik kijk haar van opzij aan, en lach haar vriendelijk toe. ‘Nou, ik heb niet echt de behoefte. Druk met m’n werk, en m’n man hoeft ook niet zo zeer… Ik vind ’t eigenlijk wel prima zo.’ Ze lacht me lief toe, maar haar blik verraad onbegrip. Ze snapt onze bewuste keuze om geen kinderen te nemen vast niet. Opnieuw vertraag ik mijn tred. ‘Ik niet begrijpen, jij zó lieve man hebben, dan jij ook krijgen heel lieve kindertjes.’

Ik schiet in de lach. Onbeholpen grinnikt ze met me mee. Inderdaad, ik heb een schat van een man in huis rondlopen. ‘Vijf minuten je ogen dicht, dan is lief kindertje gemaakt.’ Ze giechelt en knippert met haar ogen. Tja, wat moet ik daar nu op zeggen? Gelukkig staan we nu voor de supermarkt, en lopen samen naar binnen. We pakken ieder een winkelwagentje uit de rij en draaien daarmee het hek door. Dan zeg ik haar gedag, en terwijl ik een paar levensmiddelen aan het inladen ben, dringt de strekking van de vijf minuten je ogen dicht! pas tot me door.

Wat een triestheid borrelt er, als moerasgas, uit díe vijf woorden naar boven. Telkens als ik nu mijn buurman van tweehoog in het trappenhuis tegenkom, denk ik aan haar vijf minuten de ogen dichtdoen en voel ik oprechte compassie met mijn buurvrouw.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here