De straatnamen in Oostpoort verwijzen naar onwerkelijke werelden. De politieke droom van Oranje Vrijstaat kreeg een kade, en verderop iedere laan of plein een mythe of utopie, zoals Paradijsplein en Waldenlaan. De werkelijkheid van de Oostpoort-architectuur biedt bezoekers toch ook plezier.
Robert van Andel | Foto’s Henk Pouw
Oostpoort mag gelden als een geslaagd voorbeeld van herontwikkeling van een oud binnenstedelijk industrieterrein. Dit succes lijkt vooral bepaald door de opvallende heel eigen architecturale vormgeving van de kern. De zorgvuldig vormgegeven nieuwbouw buiten deze kern, is even verdienstelijk en houdt rekening houdt met de oudere en langer bestaande bouw.
Toen Nederland zestig jaar geleden overstapte op Gronings aardgas bij de vorige energietransitie, werd de kolengestookte Oostergasfabriek buiten gebruik gesteld. Het gebied met verspreid laat 19de-eeuwse utiliteitsbebouwing verrommelde daarna. Het industrieel erfgoed wachtte op sloop of herbestemming. Gelukkig werd het het laatste.
De leiding over de ontwikkeling van het stedenbouwkundig plan werd gegund aan Sjoerd Soeters (1947) van Soeters Van Eeldonk architecten. Deze had al zijn naam gevestigd met zeer opvallende bouwwerken die stijlkenmerken hebben van het post-modernisme; vorm volgt functie hier juist helemaal niet meer. De veelkleurige, spectaculaire, barokke, speelse automatenhal in Zandvoort is er een voorbeeld van, net als de Johan Cruijff Arena en de gestapelde Zaanse geveltjes in de hoogbouw van het centrum van Zaandam.
Vrolijke eigenheid
Een ommetje over het voetgangersgebied midden in Oostpoort voert vanaf de Linnaeusstraat over het Land van Cocagneplein naar de Waldenlaan. Deze laan omsluit de kern van het gebied en heeft links een lange uitloper diep de woonwijk in. De woningbouw boven de winkels ademt vrolijke eigenheid, het kenmerk van Soeters’ architectuur. Alle lijnen zijn rondingen, herhaalde gevelstructuren staan steeds onder een andere hoek. De laan voert rechts naar het Oranje Vrijstaatplein waaraan het relatief veel conventioneler en meer ingetogen gele stadsdeelkantoor van Kraaijvanger Urbis architecten staat. Hier linksom naar het Atlantisplein waaraan de wonderlijk kale bruine gevel van Q-Factory ligt. Gelukkig is achter je rug iets bijzonders te zien: enkele gemetselde spiralen in de zuilen naast de Action winkel. Deze zuilen zijn een direct eerbetoon aan een decoratief toppunt van 100 jaar oud Amsterdamse school metselwerk elders in het schoolgebouw van het Amsterdams Lyceum aan het Valeriusplein in Zuid (zie de foto’s). In de lange uitloper van de Waldenlaan is meer leuk decoratief metselwerk te zien verderop aan het gebouw van basisschool ‘De Kraal’ en aan de woningen bij de spoordijk. Maar linksaf op het Atlantisplein volg je ook de Waldenlaan en kom je uiteindelijk weer uit bij het Land van Cocagneplein.
Cocagne
Het Land van Cocagne is een mytisch, utopisch land dat in middeleeuwse romaanstalige volksverhalen voorkomt. Alles is er overvloedig aanwezig en men leeft er zonder zorgen. In het Nederlands zou men spreken over Luilekkerland. In de verhalen dient het als een satirische tegenhanger van het dagelijks bestaan.
Walden
‘Walden, a life in the woods’ is de titel van het hoogromantische midden 19de-eeuwse boek van de Amerikaanse schrijver Henry David Thoreau. Hij doet verslag van zijn jarenlang eenvoudige, zelfvoorzienende verblijf aan het meertje ‘Walden Pond’ in Massachusetts, USA als mens in spirituele verhouding tot de natuur. De Nederlandse romantische literator, Frederik van Eeden, liet zich inspireren en stichtte een utopische kolonie ‘Walden’ bij Bussum. Hij publiceerde zijn dagboekverslagen rond 1900: ‘Walden tussen droom en daad’.
Atlantis
Atlantis is een mythische, verdronken cultuur die ooit ergens in de Atlantische oceaan bestaan zou hebben. Het verhaal stamt uit de dialogen Timaeus en Critias van Plato over een in zijn tijd (4e eeuw voor Christus) allang ondergegaan, groot, machtig eilandenrijk voorbij de ‘zuilen van Herakles’, de straat van Gibraltar. Men ziet er een literaire allegorie op overmoed in.
Oranje Vrijstaatplein
De naam Oranje Vrijstaatkade sluit mooi aan op de straatnamen van de Transvaal/Afrikaander buurt. Het verwijst naar de ongebonden eigen republiek die boeren van oorspronkelijk Nederlandse afkomst midden 19de-eeuw stichtten in het Zuid-Afrikaanse binnenland. Zij onttrokken zich daarmede aan de Engelse kolonisatie. Het belang van de oorspronkelijke bevolking werd daarbij helaas veronachtzaamd. De naam roept ook in herinnering dat provo, activist en politicus Roel van Duijn in 1970 met de kabouterbeweging een eigen Oranje Vrijstaat oprichtte als ludieke beweging tegen consumentisme, woningnood en de aantasting van natuur en milieu.
Inpassing
Een zichtbaar resultaat van de zorgvuldige inpassing van de nieuwbouw buiten het kerngebied is de lange gevelwand met onderbrekingen aan de Oranje Vrijstaatkade. Dat is vooral goed te zien van over de Ringvaart vanaf de Linnaeuskade. Enkele gerestaureerde industriegevels met brede stompe punten voor zadeldaken uit 1885 worden nu herhaald in een lange rij veel smallere gevels met wat smallere stompe punten die geplaatst zijn voor de zadeldaken van aantrekkelijke nieuwe woonhuizen. De huizen hebben als toegift een verhoogde tuin aan de autovrije kade terwijl het huisadres zich aan de andere kant bevindt aan de Tuin van Hera.
De Tuin van Hera
In de klassieke Griekse mythologie was dit een hof die meestal ergens op de berg Olympus is gesitueerd en behoort aan Hera, de vrouw van oppergod Zeus. In de verhalen gebeurt van alles af waarbij – zeer opvallend – appels een rol spelen.
Schuine daklijst
Aan de Polderweg werden enkele woontorens opgetrokken tegenover de gevel van de uit lange horizontale lijnen bestaande, modernistische glas- en staalbouw van het Montessori Lyceum naar ontwerp van Hertzberger. De lijnen in deze torens zijn verticaal, maar subtiel zijn de bovenste etages niet in baksteen, maar grijs afgewerkt waardoor de hoogte niet afsteekt tegen de grijze lucht maar juist daarin overgaat.
Vorm volgt hier functie niet meer
Nog een leuk voorbeeld van zorgvuldige inpassing van nieuwbouw is heel duidelijk te zien vanaf de Linnaeuskade helemaal bij de Middenweg. Kijk naar het appartementengebouw aan de Linnaeusstraat waar onderin een Jumbo gevestigd is. Direct daarachter is in drie geledingen een heel fors wooncomplex met een lichte baksteen gevel opgetrokken. Subtiel hebben de opvolgende geledingen steeds een etage erbij zodat een schuine daklijn omhoog vanaf het oude complex ontstaat.
Balkonnetjes van Stam
Aan het einde van de wederopbouwperiode in de zestiger jaren werd de galerijwoningentoren aan de Linnaeusstraat gebouwd waar eerder een synagoge stond. Deze toren is ontworpen door Mart Stam, die zijn carrière begon in de kring van het vooroorlogse ‘het nieuwe bouwen’. De socialist keerde teleurgesteld terug uit de Sovjet Unie en kreeg deze opdracht. De galerijen aan de noordkant zijn nu afgeschermd met glas. Aan de andere kant valt op dat hij simpel varieerde met het ritme van de balkonnetjes. Als je maar kijkt, is er altijd wat te zien!





