Home Indische Buurt Genereus Verbonden: een advies aan de gemeente over oeververbindingen over het IJ

Genereus Verbonden: een advies aan de gemeente over oeververbindingen over het IJ

0
Uit rapport Genereus Verbonden.

Twee bruggen over het IJ, één tunnel, twee nieuwe veerdiensten, verbreding van de Amsterdamsebrug… Het is zomaar een greep uit Genereus Verbonden, het eindadvies van de commissie onder leiding van de Belgische hoogleraar Alexander d’Hooghe. De commissie formuleerde in opdracht van de gemeente en Rijkswaterstaat een onafhankelijk advies over de oeververbindingen over het IJ en een deel van het Amsterdam-Rijnkanaal binnen de ring A10.

Eelco Hiemstra

Aanleiding voor de opdracht was de jarenlange bestuurlijke impasse tussen het Rijk en de gemeente over de Javabrug. Het eindadvies werd in juni al gepubliceerd, afgelopen dinsdagavond werd het via een livestream gepresenteerd.

Noodzakelijke verbindingen
Voorzitter D’Hooghe stelde dinsdagavond dat nieuwe oeververbindingen noodzakelijk zijn, omdat het aantal fietsers en voetgangers zowel aan Centrumzijde als in Noord zullen blijven groeien. Ook de aanleg van nieuwe woonwijken ten oosten van het Amsterdam-Rijnkanaal dwingen tot aanpassing van de bestaande verbindingen. Tegelijkertijd mogen deze oeververbindingen een vrije vaarweg voor de binnenscheepvaart in de Rijkswateren niet hinderen.

Twee bruggen over het IJ
De commissie adviseert de gemeente twee ‘genereuze’ bruggen over het IJ aan te leggen. Naast plaats voor voetgangers en fietsers moeten deze bruggen ook ruimte bieden voor (toekomstig) openbaar vervoer. De bruggen moeten echter wel hoog genoeg zijn om de beroepsvaart zoveel mogelijk vrije doorgang te geven.

De binnenring is voor de commissie het uitgangspunt voor de locatie van deze bruggen. Het grootste deel van deze ‘fietsring’ wordt naar verwachting in 2022 voltooid en oeververbindingen aan weerszijden van het tracé Marnixstraat-Weteringschans-Sarphatistraat zijn volgens D’Hooghe nodig om die ring te sluiten. Voor de westelijke brug is het advies deze tussen de Haparandadam en de NDSM-pier te realiseren en voor de oostelijke tussen Azartplein en Johan van Hasseltweg.

Oostelijke brug op andere plaats
In het definitieve voorkeursbesluit ‘Sprong over het IJ’ koos de gemeente in juli 2017 voor de zogenaamde Javabrug. Deze moest de stad ten zuiden van het IJ vanaf het puntje van het Java-eiland verbinden met Noord. De gemeente koos onder meer voor deze plaats, omdat het IJ daar op z’n smalst is. Juist dat is voor de commissie, naast dat ze de plek niet logisch vindt, reden om daar geen brug te adviseren. Hoe smaller de overspanning is, hoe steiler de helling van de brug moet zijn of hoe groter de plaats voor de aanloop aan de oever moet zijn.

D’Hooghe zegt wel in zijn advies veel gehad te hebben aan het onderzoek dat de gemeente heeft verricht naar de Javabrug, maar denkt dat de gemeente teveel op wijkniveau heeft gekeken. Het advies van de commissie voor een brug tussen Azartplein en Johan van Hasseltweg is tot stand gekomen door meer uit te zoomen waarmee een logischer plek gevonden is. Op de plek waar de gemeente gekozen had voor de Javabrug, wordt een nieuwe pontverbinding voorgesteld naar het IJplein.

Geen fietstunnels
Op beide plekken waar de commissie nu bruggen voorstelt, heeft zij uitgebreid onderzoek gedaan naar de optie van tunnels. Als belangrijkste reden toch voor bruggen te kiezen, noemde D’Hooghe dinsdagavond het belang dat de fietser zonder af te stappen naar de overkant moet kunnen. Bij de aanleg van tunnels bleek dat niet mogelijk. Om de helling in de tunnel niet te steil te maken zou die ofwel heel lang moeten zijn of zou gebruik gemaakt moeten worden van liften of roltrappen waardoor de doorstroming zou stremmen.

Verhuizing PTA naar Coenhaven
Of er nou voor een tunnel gekozen was of zoals nu voor een brug, het zou onmogelijk zijn om een vaste oeververbinding ten westen van het Centraal Station te maken die bruikbaar zou zijn voor fietsers zolang er cruiseschepen aanmeren op de huidige locatie van de PTA, de Passagiers Terminal Amsterdam. De commissie adviseert dan ook dat deze westwaarts wordt verplaatst en noemt de Coenhaven als enige mogelijk nieuwe plek.

De commissie noemt een kabelbaan vanaf de nieuwe locatie van de PTA weliswaar een leuke attractie, maar ziet dit niet als een serieuze optie om het aantal voorspelde forenzen van en naar de stad te vervoeren. Men adviseert de kabelbaan als private operatie te vergunnen. Samenwerking tussen de cruisevaart en de kabelbaan zou een stabiele basis voor langdurige exploitatievormen.

Voetgangerstunnel bij Centraal Station
Hoewel het advies van de commissie zich vooral richt op het snel toenemende fietsverkeer in de stad, bevat het eindadvies ook de aanleg van een voetgangerstunnel tussen het centraal station en de Buiksloterweg. Deze tunnel kan de druk op de veerponten, als onderdeel van belangrijke fietsverbindingen, verlichten. De voorgestelde tunnel kan anders dan bij fietstunnels compact worden gebouwd door grote verticale verplaatsingen met liften of roltrappen te overbruggen. Daarmee fungeert volgens de commissie de tunnel feitelijk als een verlenging van de stationshal. Het station krijgt er op die manier een nieuwe in- en uitgang bij aan de noordelijke over van het IJ.

Geen brug tussen Sporenburg en de Sluisbuurt
Het eindadvies van de commissie omvat ook de verbinding van IJburg met de rest van de stad. Hoewel een brug tussen Sporenburg en de Sluisbuurt aantrekkelijk lijkt, heeft deze volgens de commissie grote gevolgen voor rustige woonbuurten op Sporenburg of Borneo-eiland. Het alternatief voor deze verbinding ligt er volgens haar al in de vorm van de Amsterdamsebrug. Deze heeft echter te weinig capaciteit en de commissie stelt voor deze in beide richtingen te verbreden. Naast minimaal 6 meter brede ruimte voor de fiets is er dan ruimte voor het openbaar vervoer en acht de commissie reservering van ruimte voor een tramverbinding zinvol. Tussen Sporenburg en de Sluisbuurt stelt de commissie een pontverbinding voor. Deze zou na gedegen onderzoek snel te realiseren zijn.

Nieuwe veerponten
Behalve het voorstel voor de twee nieuwe veerpontverbindingen, die van het Java-eiland naar het IJplein en die van Sporenburg naar de Sluisbuurt, omvat het advies van de commissie ook de andere veerponten. Zodra de nieuwe vaste oeververbindingen gerealiseerd zijn kunnen de veerdiensten van en naar het Azartplein en die tussen de Pontsteiger en NDSM-werf worden opgeheven en de frequentie van de veerdiensten bij het centraal station naar beneden.

Geen fietsers door IJ-tunnel
De commissie deed ook onderzoek naar het openstellen van de IJ-tunnel voor fietsers maar concludeert tot haar spijt dat dit idee niet levensvatbaar is. De tunnel moet permanent beschikbaar blijven voor de hulpdiensten en openbaar vervoer. Openstelling van de tunnel voor fietsers zou dan betekenen dat de tunnel in één van beide richtingen volledig afgesloten zou moeten worden voor autoverkeer.

Daar bovenop is tijdens de openstelling in mei 2019 gebleken dat de tunnel niet veilig te maken is voor fietsers. De hellingen aan beide zijden van de tunnel zijn te steil waardoor er tijdens de afdaling ontoelaatbaar hoge snelheden worden behaald. Aanpassing daarvan is niet mogelijk zonder feitelijk een nieuwe tunnel aan te leggen.

Van advies naar realisatie
Of het advies van de commissie overgenomen wordt is nu aan de gemeente en aan het Rijk. Wethouder van Ruimtelijke Ontwikkeling, Marieke van Doorninck, zei bij publicatie het plan goed te gaan bestuderen en verwacht dit najaar met de Rijksoverheid afspraken te kunnen maken over de definitieve inrichting van het IJ en welke vervolgstappen genomen moeten worden. Welke van de adviezen uiteindelijk gerealiseerd worden is nog onbekend.

Check Eindadvies Genereus verbonden (pdf)