Aan het begin van de Plantage Middenlaan, naast de Hortus Botanicus, staat het Hugo de Vries gebouw. Het werd gebouwd rond 1911 in de Amsterdamse School stijl als collegeruimte en laboratorium. Destijds was hoogleraar Hugo de Vries directeur van de Hortus. In 1990 moest de Hortus het gebouw verkopen na het afstoten van de tuin door de Universiteit van Amsterdam. De Van Dijk Nijkamp Stichting nam het gebouw over. Sindsdien zijn er organisaties gehuisvest die een sterke binding met natuur en milieu hebben. We stellen ze aan je voor. Laatste en dertiende deel van een estafette: een gesprek met Casper Kraima, een van de vaste gezichten in de portiersloge van het Hugo de Vriesgebouw. Maar portier van het bedrijfsverzamelgebouw is ‘ie niet.
De Groene Plantage, deel 13 (slot)
Anne-Mariken Raukema
‘Tijdens m’n opleiding Natuur en Milieu aan de toenmalige Hogeschool Holland in Diemen zocht ik een stageplaats en vond die bij de ANR, de Amsterdamse Natuurhistorische Raad die toen nog op een van de bovenverdiepingen van de Hollandsche Schouwburg zat’, antwoordt Casper Kraima op de vraag sinds wanneer hij werkt in het Hugo de Vries Gebouw. ‘De ANR werd ANMEC en die is een paar jaar geleden samengegaan met IVN. Het zou een soort snuffelstage worden, ik heb er veel verschillende dingen gedaan en bleef er na het voltooien van m’n studie hangen. Deed klusjes en klussen als het maken van een rooster voor alle Amsterdamse schooltuinen, dat heb ik zo’n twintig jaar gedaan.’
Begin jaren 90 ging Kraima mee naar dit gebouw. ‘Toen zaten er veel meer en kleinere organisaties in dan nu. Alleen al in de toren op de hoek met de Plantage Parklaan zaten vier of vijf organisaties. De Van Dijk Nijkamp Stichting is eigenaar van dit gebouw en beheert het NME-fonds. Van Dijk Nijkamp heeft nog twee IVN-panden: de Veldhoeve in Orvelte, wat onder andere een groepsaccomodatie is, en het Groene Wiel in Wageningen waar natuureducatieve activiteiten worden gedaan.’
‘Huismeester, nee, dat vind ik geen goed woord. Ik ben geen meester, ook geen baas. Dus ik noem mezelf “huispapa”, dat doe ik nu een jaar of vier, vijf. We zitten hier met z’n vieren: Marjan, Tom en Vasco, zij vormen gedrieën de servicedesk. Ik neem nooit de telefoon aan. Doe wel veel taken voor het IVN, ben eigenlijk hier de spin in het web, een rol die me op het lijf geschreven is. Ben de centrale vraagbaak. Of ik echt technisch ben? Mwah, ik probeer het altijd wel en dat pakt vaak goed uit. Voor ik deze rol vervulde, werden overal “mannetjes” voor gebeld, ja dat kostte nogal wat. Van Eugène, die 44 jaar voor IVN werkte, heb ik met zijn pensionering een doos papier geërfd, maar er was geen sprake van enig archief, er zat geen enkele naam, adres of contactgegeven van bijvoorbeeld een loodgieter in. Er bleek veel achterstallig onderhoud aan het gebouw te zijn, binnen en buiten. Dat zijn we nu langzaam maar zeker aan het inhalen, alles naar een hoger plan te tillen.’
‘Het leukst vind ik wel dat ik hier op m’n eigen eilandje zit. Nee, ik heb geen budget, geen mensen onder me, geen vergaderingen, maar heb met heel veel en verschillende mensen en organisaties te maken. Dat vind ik prachtig. Ik ben sinds 1997 in vaste dienst, daarvoor had ik steeds drie jaarcontracten. Zat toen met vertegenwoordigers uit alle organisaties in het zogenaamde Hugoberaad; elke maand praten over dingen die moesten veranderen aan het gebouw. Brrr… Het minst leuke vind ik de traagheid hier. Die hangt samen met een enorme overlegcultuur. Om gek van te worden.’
‘Maar trots ben ik op de kwaliteit van het gebouw. Natuurlijk mogen er sommige dingen niet omdat het een monumentale status heeft. Maar dat de afgelopen jaren het aantal cv-ketels is teruggebracht van dertien naar drie – dat ziet geen hond – dat vind ik heerlijk.’
Wat speelt er nu? ‘Dat is toch wel het afstoten van de Bijenkorf, een van de grotere ruimten die IVN in gebruik heeft. Na corona zaten er gemiddeld vijftien mensen per dag op kantoor, maar er zijn maar liefst 45 werkplekken. Dat wordt nu aangepakt, maar je begrijpt dat daar lang over vergaderd is.’
Het stokje wordt neergelegd
Na dertien afleveringen komt aan deze reeks een einde. Symbolisch geeft Casper Kraima het stokje door aan Hugo de Vries.





