De beschikbaarheid van glasvezel verschilt sterk per buurt en zelfs per woning. Vooral in nieuwere delen van Oost, zoals IJburg en Zeeburgereiland, is de digitale infrastructuur vaak tijdens de bouw aangelegd. In oudere buurten verloopt de aansluiting ingewikkelder. Daar kan de glasvezelkabel al in de straat liggen, terwijl woningen nog niet daadwerkelijk op het netwerk zijn aangesloten.
Redactie
In Oost zijn onder meer de netwerken van KPN en Open Dutch Fiber (ODF) aanwezig. Welke verbindingen en internetaanbieders beschikbaar zijn, hangt af van het adres. Bewoners moeten daarom een postcodecheck doen om de situatie voor hun woning te bekijken.
Nieuwbouw voorbereid op snel internet
Bij de ontwikkeling van IJburg en Zeeburgereiland is in veel gevallen al rekening gehouden met glasvezel. Daardoor beschikken veel woningen over een aansluiting in of bij de meterkast. Afhankelijk van het netwerk, de provider en het gekozen abonnement zijn daarmee hoge internetsnelheden mogelijk.
Een glasvezelaansluiting biedt echter niet automatisch overal in huis snel internet. De kabel brengt het signaal tot in de woning, maar daarna bepalen onder meer de router, de plaats daarvan en de bouwmaterialen hoe goed het wifibereik is. Goed geïsoleerde nieuwbouwwoningen hebben vaak dikke muren, betonnen vloeren en isolatiematerialen die een draadloos signaal kunnen verzwakken. Een extra toegangspunt of een zogenoemd mesh-netwerk kan dan nodig zijn.
Aanleg in oudere buurten ingewikkelder
In de Watergraafsmeer, Indische Buurt en Dapperbuurt is het beeld minder eenduidig. De dichtbebouwde straten, gestapelde woningen en gesplitste panden maken de aanleg arbeidsintensiever. Kabels moeten niet alleen door de straat, maar ook vanaf de gevel of kelder naar afzonderlijke woningen worden gebracht.
Daardoor bestaat er een belangrijk verschil tussen homes passed en homes activated. In het eerste geval ligt het glasvezelnetwerk langs of vlak bij de woning. Dat betekent nog niet dat er in de woning een bruikbare aansluiting aanwezig is. Pas na de aansluiting en activering kan een bewoner via glasvezel internet afnemen.
Vooral bij bovenwoningen en gesplitste panden kan het laatste deel van het traject problemen opleveren. Installateurs zijn daarbij soms afhankelijk van gedeelde meterkasten, kelders of stijgleidingen. Ook kan toegang nodig zijn tot ruimten die bij de benedenwoning of de Vereniging van Eigenaren horen.
Huurders afhankelijk van verhuurder
Ook bewoners van corporatiewoningen kunnen niet altijd zelfstandig beslissen over werkzaamheden in gemeenschappelijke ruimten of aan het gebouw. Woningcorporaties als Ymere en Eigen Haard hebben veel woningen in Oost. Voor de aanleg kunnen afspraken nodig zijn tussen de netwerkbeheerder, verhuurder en bewoners.
Een algemene toestemming van een corporatie betekent bovendien niet altijd dat iedere woning direct kan worden aangesloten. De technische situatie verschilt per complex. Bewoners doen er daarom goed aan bij hun verhuurder én de netwerkbeheerder na te vragen wat er op hun adres al is uitgevoerd.
Netwerkbeheerder is niet hetzelfde als provider
KPN Netwerk en Open Dutch Fiber leggen en beheren glasvezelnetwerken. De internetverbinding zelf wordt geleverd door een provider. Niet iedere provider maakt op ieder netwerk gebruik van dezelfde voorwaarden en snelheden.
Open Dutch Fiber omschrijft zijn infrastructuur als een open netwerk waarop verschillende providers diensten kunnen aanbieden. Welke aanbieders op een adres beschikbaar zijn, is te zien via de postcodecheck van Open Dutch Fiber. Ook KPN verwijst bewoners naar een postcodecheck om te controleren of glasvezel op hun adres beschikbaar is.
De verschillen binnen Amsterdam-Oost blijven voorlopig groot. Waar de ene bewoner al jaren via glasvezel internet gebruikt, wacht een buur verderop mogelijk nog op de kabel naar de meterkast. Niet de wijknaam, maar het exacte woonadres geeft daarom uiteindelijk de doorslag.



