Het moderne studentenleven in Amsterdam is één groot geluksspel bij het vinden van een fijne én betaalbare plek om te wonen. De gemiddelde wachttijd voor een studentenwoning is drie tot vijf jaar, wat ook de gemiddelde duur is van een universitaire studie.

Mayte Laurens Hinojosa | Foto Björn Martens

Jona (21), eerstejaarsstudent interdisciplinaire sociale wetenschappen heeft veel mazzel gehad. Het hielp dat hij zich op zijn zestiende al had ingeschreven op StudentenwoningWeb. Jona komt uit Haarlem, maar woont sinds twee jaar in Amsterdam. Het eerste half jaar woonde hij in Osdorp, nu op Kattenburg. “In de zomervakantie ben ik een betere kamer gaan zoeken en zo ben ik hier beland.” Met vijf jaar inschrijftijd kun je dus op leuke plekken terechtkomen.

Voor Jona aan deze studie begon, deed hij de bachelor sociale geografie en planologie. “Helaas moest ik stoppen, omdat ik niet genoeg studiepunten had gehaald in het eerste jaar. Ik kan die studie in Utrecht gaan volgen, maar dan word ik mijn kamer uitgetrapt, en dat wil ik écht niet. Het grootste voordeel van hier wonen is dat je gelijk in een superleuke buurt bent als je naar buiten loopt, en er zijn altijd mensen op straat. In Osdorp was dat niet zo en de sociale veiligheid was daar ook niet zo best. Sowieso vind ik de locatie waar ik woon veel belangrijker dan bijvoorbeeld het comfort van een eigen studio in Zuid-Oost of Noord.” Jona woont nu op een gang met negen andere studenten. “Een toilet delen met huisgenoten, dat went. Het geeft een soort campinggevoel, omdat je je kamer uit moet om te douchen en dan bijna altijd andere mensen tegenkomt.”

“Wat maakt een plek fijn om te leven, en wat niet? Ik denk dat de aanwezigheid van woningen die direct aan de straat staan een buurt beter maken en het gevoel van sociale veiligheid verhogen. Bewoners maken meer contact met de straat en de wereld om hen heen, zeker als je het bijvoorbeeld vergelijkt met buurten waar je op bergingen en garages uitkijkt. Ik vind het interessant om na te denken over hoe de openbare ruimte wordt ingericht. Daarom wil ik na mijn bachelorstudie nog een master Planologie doen.”