Timothy de Graaf (56) is een van de meest opmerkelijke kunstenaars van de hoofdstad. Zijn grote droom is het realiseren van een eigen galerie. En voor deze droom heeft deze artistieke doofstomme stadgenoot alles over.
Bert van Galen | Foto Frank Schoevaart
De Graaf groeide de eerste jaren van zijn leven op in Melbourne (Australië). Zijn ouders kwamen er al snel achter dat het leven voor een doofstomme zoon in dit land onmogelijk zou zijn ‘Er was daar voor deze groep helemaal niets. Mijn ouders besloten om met het gezin terug naar Nederland te gaan.’ Daar waren wel mogelijkheden voor hem. ’Ik zat eerst op een speciale school voor kinderen die allemaal doofstom waren. Het werd een prachtige tijd. Als kind voelde ik al dat het schilderen en tekenen voor mij de belangrijkste zaken in het leven waren. En dat is zo gebleven. Ik werd toegelaten tot de kunstacademie en kreeg daar contact met andere kunstbroeders.’
Chaotische wereld
Na de opleiding was het in de praktijk moeilijk om de kost met kunst te verdienen. ‘Gelukkig had ik wel een inkomen als huisschilder en was er wat geld om verf en andere spullen te kopen.’ De Graaf maakt kunstwerken op maat: ’Van schilderijen en bronzen sculpturen tot behangontwerpen of iets heel anders. Wat er ook leeft in je verbeelding, het kan werkelijkheid worden. Samen brengen we een visie tot leven in een stuk dat echt met de wens van de opdrachtgever overeenkomt.’
Hij maakt schildersportretten van mensen wier gezichten of lichamen opzettelijk in bloemen zijn gewikkeld, om hun ware psychologische en emotionele zelf te verbergen. ’Mijn schilderijen beelden niet de buitenkant van een persoon af, maar eerder wat erin ligt. Ze hebben vaak een grote, opvallende aanwezigheid, maar zijn tegelijkertijd verfijnd en gedetailleerd. De mensen die ik portretteer zijn dikwijls degenen die zich eenzaam voelen in een chaotische wereld en zich hebben teruggetrokken. Maar zelfs zij hebben momenten van vreugde, die zij graag willen delen.’’
Een eigen galerie, daar heeft hij alles voor over…
Steeds bekender
Landelijke aandacht kreeg hij via een portret van Johan Cruijff. Het trok de aandacht van verschillende kunstkenners. Die waren het er roerend over eens dat dit een wel heel bijzonder portret was. Het portret van nummer 14 werd verkocht aan een niet met name genoemde kunstkenner. Sinds die tijd merkt de Graaf dat zijn werk nog meer kijkers trekt, en dan vooral via de sociale media.
’Mijn naam wordt steeds bekender. En ik ben nu ook bezig met cartoons en beelden. Terugkerend in mijn werk is het thema beweging, en dan vaak in handen – niet toevallig het instrument voor gebarentaal.’
Het menselijk lichaam fascineert hem. ’Spierpartijen, maar ook blikken. Zoals de handen van Irma Sluis, de in coronatijd beroemd geworden doventolk van de persconferenties. Ze maakte het gebaar voor ‘hamsteren’.
Zijn grote droom is een eigen galerie. ’Er moet nog een harde strijd worden geleverd. Geld verdienen met kunst is lastig, vooral als je niet kan praten. Netwerken, de juiste mensen spreken en jezelf verkopen, al die dingen gaan niet of nauwelijks. Maar ik blijf mijn passie nastreven.’
Meer info www.timotydegraaf.com






