Sinds bijna twee jaar maakt Zeeger Ernsting namens GroenLinks deel uit van het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost. Voor hem betekent deze rol een nieuwe fase in een lange politieke loopbaan. ‘Ik fiets elke dag met plezier naar Oost’, zegt hij. ‘Het voelt goed om hier te werken.’ De route vraagt soms aanpassing door werkzaamheden rond het Alexanderplein. ‘Dan fiets ik via de Kadijken. Ik krijg er zelfs komische filmpjes over de overlast doorgestuurd.’
Arie Martijn Schenk
Ernsting woont al ruim dertig jaar in de Nieuwmarktbuurt. Hij studeerde planologie en wetenschapsdynamica en raakte al jong actief in jongerenorganisaties. Sinds 2006 zet hij zich in voor GroenLinks. Zijn politieke ervaring loopt van deelraadslid en politiek assistent in stadsdeel Centrum tot gemeenteraadslid en fractievoorzitter van GroenLinks in Amsterdam. Veel dossiers uit Oost kende hij al uit de raad. ‘Die ervaring helpt. Je zit sneller in de inhoud.’
Een periode van schakelen en landen
Toch vroeg de overstap van raadslid naar bestuurder wat tijd. ‘Ik nam de functie over van Rick Vermin die naar Den Bosch vertrok. Je leert de ambtelijke en bestuurlijke wereld op een andere manier kennen. Die rol is anders.’ Inmiddels voelt hij zich stevig in positie. ‘Ik zit er nu lekker in.’
Oost ervaart hij als het meest diverse stadsdeel van Amsterdam. ‘Niet alleen qua bevolking, maar ook in buurten en openbare ruimte. Van de Dapperbuurt tot IJburg en van de Watergraafsmeer tot het Oostelijk Havengebied: elke buurt draagt een eigen identiteit.’
Vergroenen als motor
Vergroening vormt een rode draad in zijn werk. ‘Daar krijg ik echt enorm veel energie van.’ De Groenmonitor laat zien hoe sterk dat leeft in Oost. Meer groen betekent volgens Ernsting koelere straten, meer biodiversiteit, een gezondere leefomgeving en plekken om elkaar te ontmoeten.
Bewoners komen voortdurend met ideeën: een nieuw plantvak, een groener schoolplein of een speelplek met meer schaduw. ‘Inmiddels lopen zo’n zeventig projecten, bijna altijd samen met bewoners.’ Die projecten vallen uiteen in gemeentegroen en medebeheer. Bij dat laatste zorgen bewoners zelf voor het onderhoud, na aanleg door het stadsdeel. ‘De resultaten laten zien hoe waardevol dit is voor leefbaarheid en gezondheid.’
Oost Begroot: democratie dichtbij
Ook Oost Begroot past in die lijn van betrokkenheid. ‘Wie ergens een tijdje woont, krijgt vanzelf ideeën over de buurt.’ Oost kiest bewust voor een buurtgerichte aanpak, anders dan in sommige andere stadsdelen. Door per buurt te werken – zoals in de Indische Buurt en het Oostelijk Havengebied – bereikt het proces meer mensen. Veel van de ingediende plannen richten zich op vergroening, zoals extra bomen, plantvakken en schaduwrijke plekken in de wijk.
‘De opkomst bij de stemming over de projecten in Oost ligt rond de 15 procent en dat is hoger dan de rest van de stad. Het lijkt eigenlijk op een verkiezing en zorgt voor betrokkenheid bij de buurt.’
Gesprekken die ertoe doen
Het directe contact met bewoners, ondernemers en organisaties vormt voor Ernsting een belangrijk onderdeel van zijn werk. ‘Ik geniet van gesprekken in zaaltjes, ook met boze mensen. Juist die betrokkenheid maakt het waardevol.’
Een bewonersavond in Dapperbuurt Noord, over onderhoud aan de Commelinstraat, staat hem bij. ‘Ik was net begonnen en hoorde daar hoe groot de zorgen over hittestress en gebrek aan groen zijn. Dat verraste me.’
Als bestuurder weegt hij belangen af en legt keuzes transparant uit. ‘Niet iedereen krijgt altijd gelijk, maar duidelijkheid telt en het goed voeren van het gesprek over waarom we soms anders besluiten.’
Samenwerking in de wijk
Die houding ziet hij ook bij ondernemers, zoals in de Javastraat. ‘De ondernemersvereniging werkte zelfs aan een toekomstvisie samen met bewoners.’ Er waren overeenkomsten, maar ook verschillen en dat mag ook. ‘Uiteindelijk ga je toch wel in over en kom je samen verder.’
Zijn werk speelt zich nu vaker buiten af in tegenstelling tot zijn periode als raadslid. ‘Bij de start ging ik mee met gebiedsmakelaars. Zij kennen de wijk door en door en weten wat er speelt.’ De bereikbaarheid en betrokkenheid van deze professionals maken indruk.
Stadsdeelpanel: bevestiging
Een ander instrument om zicht te krijgen op wat er leeft in Oost vormde het Stadsdeelpanel. Een gelote groep van tweehonderd bewoners ging een dag lang met elkaar in gesprek over thema’s als verbinding met je buurt en je thuis voelen. Uit de gesprekken kwamen concrete voorstellen naar voren. Bewoners pleitten onder andere voor één centrale online plek met informatie over buurtinitiatieven, actieve organisaties en buurthuizen.
Daarnaast noemden deelnemers acties om de buurt schoon te houden en zwerfafval tegen te gaan. De uitkomsten bevestigden volgens Ernsting dat het stadsdeel op de juiste thema’s inzet. ‘Het verraste ons niet, en dat is eigenlijk een goed teken.’
Trots op Speeltuin Blijdag
Een project waar Ernsting met trots op terugkijkt, ligt in Amsteldorp: Speeltuin Blijdag. ‘Het was een beetje een vergeten en verwaarloosde plek.’ Nu ligt er een groene, avontuurlijke en inclusieve speeltuin met duurzame toestellen en hergebruikte materialen. Regenwateropvang en inheemse beplanting maken deel uit van het ontwerp.
De vernieuwing kwam tot stand met buurtbewoners, scholen, ontwerpers en het waterschap. Ook de kinderraad van de stad waar twee vertegenwoordiger uit Oost in zitten, speelde een rol. ‘Zo’n proces laat zien wat samen werken oplevert.’
Klimaat en bereikbaarheid
De bestaande buurten op IJburg kampen volgens Ernsting met hittestress door verharding en weinig groen. ‘Dat is in de ontwerpfase al fout gegaan en daar moeten we blijvend aandacht aan besteden.’ In nieuwbouwgebieden zoals Strandeiland en de Muiderbuurt spelen klimaatadaptatie, wateropvang en vergroening inmiddels een grotere rol bij de aanleg.
Bereikbaarheid vormt een ander aandachtspunt. Tramlijn 26 trekt door naar nieuwe gebieden, maar fietsverbindingen vragen versterking. ‘We onderzoeken een fietsbrug naast de Amsterdamse Brug. Als fietsstad moet je blijven investeren in goede bereikbaarheid.’
Samen met de stadsdeelcommissie
Bij projecten zoals de herinrichting van de Linnaeusstraat werkt het dagelijks bestuur nauw samen met de stadsdeelcommissie. Ontwerpen passeerden tweemaal de revue. ‘Niet alle wensen passen binnen de kaders, maar de gesprekken helpen.’
De straat, ooit ingericht in de jaren tachtig, krijgt bredere stoepen en fietspaden, ruimte voor openbaar vervoer en circa vijftig nieuwe bomen. ‘We sturen op een groter bladerdek. Dat helpt tegen hitte en maakt de straat prettiger.’
Favoriete plek in Oost
Een vaste favoriete plek noemt Ernsting niet. ‘Ik wandel graag in de pauze naar de Middenweg voor een broodje kaas of naar de vishandel.’ Ook een rondje over de Dappermarkt of door de Javastraat vindt hij zeer de moeite waard.
Een plek die hem raakte, ligt aan het Obiplein. De kerk midden in de Indische Buurt, aan de autovrije Batjanstraat, vormt een open en groene plek. ‘Het Nederlands Philharmonisch repeteert daar, maatschappelijke organisaties gebruiken het gebouw. Wat een verschil met vroeger. En er is veel geïnvesteerd in grote groene plantenbakken.’
Oost als stad in het klein
‘Amsterdam staat voor mij voor een gezonde, groene en vrije stad’, zegt Ernsting. ‘Een stad waar mensen dicht bij elkaar wonen, werken en leven.’ Oost laat dat in het klein zien. ‘De openbare ruimte vormt het hart. Daar leven mensen. Daar moeten we blijven investeren.’
Zeeger Ernsting zit nog maar relatief kort in deze functie, maar het werk smaakt naar meer. ‘Ik leer elke dag weer. In deze rol als bestuurder zie je hoe besluiten landen. Daar draag ik graag nog langer aan bij.’





