De winnaars van de Amsterdamse Architectuurprijs (AAP) 2026 zijn bekend. Terwijl de vakjury de nieuwe Universiteitsbibliotheek van de UvA bekroonde met de prestigieuze vakprijs, ging de publieksprijs naar De Nieuwe Meent, een wooncoöperatie aan het Archimedesplantsoen nabij station Science Park. Volgens de jury laat het project zien dat wonen in Amsterdam ook anders georganiseerd kan worden: betaalbaar, inclusief en gebaseerd op gemeenschapszin.
Redactie
De Amsterdamse Architectuurprijs, die jaarlijks wordt georganiseerd door Arcam, geldt als een belangrijke graadmeter voor de architectonische ontwikkeling van de hoofdstad. Met de prijs worden niet alleen architecten, maar ook opdrachtgevers in het zonnetje gezet. Projecten worden beoordeeld op ontwerpkwaliteit, maatschappelijke relevantie en hun bijdrage aan de stad.
Hoopvol antwoord op een veranderende stad
Voor de publieksjury sprong De Nieuwe Meent er dit jaar duidelijk uit. Het project wist volgens de jury niet alleen te overtuigen op architectonisch vlak, maar raakte de juryleden ook persoonlijk.
In haar rapport omschrijft de jury De Nieuwe Meent als een antwoord op een stad die steeds duurder en ontoegankelijker wordt. Volgens de jury biedt het woonproject een alternatief voor de dominante vastgoedmarkt en laat het zien dat collectief wonen op een andere manier vorm kan krijgen.
‘Het is een tegengeluid tegen het grote vastgoed’
Een van de juryleden.
De jury prijst vooral de activistische en pionierende gemeenschap achter het project. De bewoners en initiatiefnemers hebben volgens de jury bewezen dat een andere woonvorm mogelijk is, waarin samenwerking, gedeeld eigenaarschap en sociale betrokkenheid centraal staan.
Zorgvuldige samenwerking
Tijdens de jurydag maakten vertegenwoordigers van architectenbureau Time to Access en opdrachtgever Vereniging de Nieuwe Meent indruk met hun verhaal over de totstandkoming van het project. Volgens de jury bleek daaruit dat iedere keuze zorgvuldig is afgewogen, met aandacht voor zowel de bewoners als de omgeving.
De jury zag een sterke samenhang tussen de architectuur, de sociale doelstellingen van het project en de relatie met de buurt. Die combinatie maakte volgens de jury het verschil ten opzichte van de andere genomineerden.
Het gebouw is ontworpen met flexibiliteit als uitgangspunt. Daardoor kunnen verschillende bewonersgroepen zich thuis voelen in het complex. De jury spreekt van een plek waar inclusiviteit niet alleen een ambitie is, maar daadwerkelijk voelbaar aanwezig is.
Inclusieve woonomgeving
Ook op het criterium ‘beleving van het gebouw’ behaalde De Nieuwe Meent een hoge score. Juryleden ervoeren het complex als een toegankelijke plek voor een brede diversiteit aan bewoners en bezoekers.
Volgens de jury is de architect erin geslaagd een omgeving te creëren waarin verschillende leefstijlen en achtergronden samenkomen. De flexibele opzet van het gebouw draagt bij aan een gevoel van openheid en verbondenheid.
De publieksjury noemt De Nieuwe Meent daarom een geslaagd initiatief dat mogelijk de weg vrijmaakt voor nieuwe woonvormen in Amsterdam. Het project laat zien hoe architectuur niet alleen gebouwen kan vormgeven, maar ook gemeenschappen kan versterken.
Belangrijke prijs voor Amsterdamse architectuur
De Amsterdamse Architectuurprijs wordt sinds 2008 jaarlijks uitgereikt door Arcam. De onderscheiding bekroont het beste gebouw dat in het voorgaande jaar binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam is opgeleverd.
In de afgelopen jaren is de prijs uitgegroeid tot een belangrijk platform voor het debat over architectuur, stedelijke ontwikkeling en leefbaarheid in de hoofdstad. Zowel een vakjury als een publieksjury kiest ieder een winnaar uit tien genomineerde projecten.
Met de overwinning van De Nieuwe Meent krijgt dit jaar niet alleen architectonische kwaliteit erkenning, maar ook een wooninitiatief dat volgens de jury laat zien hoe de stad van de toekomst socialer, inclusiever en toegankelijker kan worden vormgegeven.











