De Nederlandsche Bank op het Frederiksplein is bijna aan haar stand verplicht om tentoonstellingen te maken met een linkje, hoe licht ook, naar geld en ons monetaire stelsel. Dat is ook dit keer gelukt, zij het een beetje vergezocht. Maar de getoonde werken en hun onderlinge samenhang maken veel goed.

Anne-Mariken Raukema

Gelukkig ligt de connectie met Pecunia niet te dik op de exposities in De Nieuwe Schatkamer van De Nederlandsche Bank, net over de Amstelbrug. In de zomertentoonstelling wordt een aantal van de aanwinsten getoond die verleden jaar zijn verworven. Meteen maar even die link: die zit ‘m in de broekzak, jaszak, of waar dan ook, waar – vroeger meer dan nu – losgeld werd bewaard voor onderweg.

The Rodina
Het tentoonstellingsontwerp is van The Rodina, een ontwerpbureau, gespecialiseerd in visuele communicatie in de kunstsector. De klanten vind je wereldwijd: van Eindhoven (Van Abbe) tot Duitsland, Zwitserland, de VS en Mexico. Voor deze tentoonstelling beschilderde The Rodina met de hand ‘zakken’ op de muur. Daarin lijken de kunstwerken te worden bewaard en verzorgd. Wat in een zak – of tas – zit, wordt logischerwijs verzorgd en gekoesterd. Het begrip ‘waarde’, de kern van De Nieuwe Schatkamer, wordt bijna automatisch op deze manier aan de orde gesteld. In slechts vijf kleuren, die alle terugkeren in de getoonde voorwerpen, wordt een bijna vanzelfsprekende context gecreëerd.

Altijd weer AI
De tentoonstelling, die de naam ‘Er gebeurt altijd meer dan je denkt’ meekreeg, verkent de grenzen tussen menselijke biologie en technologie. Door kunstmatige intelligentie (AI) vervagen deze steeds meer. Wat je voor de vraag doet komen te staan waar wij als mens ophouden en waar de wereld, of de techniek, begint. Altijd al hebben we gebruikgemaakt van techniek (de speer, het wiel, de tas), maar dit werd steeds complexer (de industrie, de computer, het internet). We raakten hiermee steeds meer verweven en met AI zijn we biotechnologische wezens geworden.

De centrale vraag is wat deze ontwikkeling ons leert over wie wij zijn. In De Nieuwe Schatkamer laten acht jonge, hedendaagse kunstenaars zien hoe menselijke aspecten (intimiteit, lichamelijkheid, herinnering en rituelen) zich verhouden tot de eigentijdse biotechnische wereld.

Vier uitgelicht
Het kleine werk van Anthony Daniel Ngoya (1995), een Franse kunstenaar die in Nederland en België werkt, lijkt op een bijna tweedimensionale blik in een linnenkast. Eerder al hield hij zich bezig met schilderkunst, bewegend beeld, textiel en installaties en maakt hij gebruik van persoonlijke archieven, gevonden foto’s en historisch beeldmateriaal om de relatie tussen herinnering, identiteit en geschiedenis te onderzoeken. Hij verzamelt, brengt letterlijk lagen aan en vervaagt de grenzen tussen persoonlijke herinnering en collectieve ervaring. Ook dit werk beweegt tussen intimiteit en afstand.

Van Marenne Welten – die bekender in het buitenland lijkt dan in eigen land – is een voor haar oeuvre kenmerkend werk te zien met dikke verf ruw aangebracht op de achtergrond. Hoewel geheel autonoom, slaat het toch een brug tussen de werken eromheen.

Silvia Gatti (1983) houdt zich bezig met video- en geluidsinstallaties, beeldhouwkunst, poëzie en conceptuele werken. Ook in het werk dat nu in de kelderruimte van De Nederlandsche Bank wordt getoond, onderzoekt ze raakvlakken tussen lichaam, geheugen, taal en technologie.

De twee enorme oren van Krystel Geerts (1993) die uit baksteen lijken te komen, functioneren als dragers of getuigenissen uit het lichaam voortkomen. Ze reflecteert op de manier waarop omgevingen en systemen druk uitoefenen op ons lichaam, en hoe het lichaam leert navigeren, absorberen en reageren.

Ga ook kijken naar de werken van Maja Klaassens, Thomas Kuijpers, Saar Scheerlings, Krystel Geerts en Natasja Alers.

Er gebeurt altijd meer dan je denkt is drie maanden lang te zien in De Nederlandsche Bank aan het Frederiksplein, gratis entree. Op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur.
Check www.denieuweschatkamer.nl