Home Dwars nieuws Gedenkwandeling langs verhalenposters

Gedenkwandeling langs verhalenposters

0
Verhalenposters over de vroegere Joodse bewoners achter de ramen.

De bordjes op het Kastanjeplein hebben plaats gemaakt voor verhalenposters bij een gedenkwandeling. Uit Namen en Nummers is het 4 mei comité Oosterparkbuurt voortgekomen. Stilstaan bij het gruwelijke lot van Joodse buurtbewoners in de Tweede Wereldoorlog, daar ging het en daar gaat het om.

Arie van Tol

Dit jaar zal er van 23 april tot en met 5 mei voor de tweede keer een gedenkwandeling gemaakt kunnen worden in de Oosterparkbuurt. De wandeling voert langs huizen waar tijdens de Tweede Wereldoorlog Joodse buurtbewoners hebben gewoond die zijn weggevoerd en omgebracht door de Duitse bezetter. Bij die huizen hangen achter de ramen verhalenposters waarop met tekst, foto’s en afbeeldingen het verhaal van betreffende vroegere bewoner wordt verteld. Op 4 mei is er om 20.00 uur de herdenking op het Kastanjeplein.

Bron

Het initiatief om een gedenkwandeling langs huizen met verhalenposters te organiseren kwam voort uit het project Namen en Nummers van kunstenaar Ida van der Lee. Na bijna tien jaar kreeg Namen en Nummers een natuurlijk einde: alle Joodse slachtoffers van toen, wonend in de Oosterparkbuurt hadden hun gedenkbordje.

‘Door het meedoen aan dit project is herdenken veel meer gaan leven’

Ieke Ginjaar was actief bij Namen en Nummers en is nu één van de leden van het 4 mei comité Oosterpark dat de gedenkwandeling heeft geïntroduceerd. De andere drie zijn Gerrie Buijze, Bert Runhaar en Emmi Schumacher. Ieke: ‘Ik ben als kind groot gebracht met de 4-mei herdenking. De verschuiving van aandacht is opvallend. Vroeger stond vooral het verzet in de belangstelling. Nu is dat al jarenlang het Joodse drama.’ Ze woont in de Oosterparkbuurt, maar niet in een huis dat Joodse bewoners had.

Deelnemers

Frank van Pommeren woont Vrolikstraat 54, in een huis dat in de oorlogsjaren bewoond is geweest door Joodse mensen. ‘Ik wist altijd al toen ik hier kwam wonen dat er in de oorlog veel Joden hadden gewoond in deze buurt. Niet dat dat ook gold voor mijn huis, dat ontdekte ik pas later. Toen ik vorig jaar van dit initiatief hoorde, wilde ik direct graag meedoen. Ik heb zelf onderzoek gedaan en zelf de tekst geschreven voor de verhalenposter.’

Onderzoek – allemaal digitaal overigens – naar de historie van een adres en de Joodse bewoners doet in principe de huidige bewoner zelf. Heel soms is er een nazaat van een voormalige Joodse bewoner die het verhaal kan vertellen. En regelmatig helpen geïnteresseerde vrijwilligers uit de buurt bij dat onderzoek.

Symon Miedema woont Vrolikstraat 56, maar niet begane grond. Het verhaal van de Joodse bewoners van zijn huis hangt achter de ramen van zijn benedenburen. Hij is vrijwilliger bij archiefonderzoek voor andere verhalenposters. ‘Door het meedoen aan dit project is herdenken veel meer gaan leven. Dat er mensen in jouw huis hebben gewoond die zijn weggevoerd en vermoord brengt het besef dat niets zeker en vanzelfsprekend is naar boven.’ De oorlog in Oekraïne is het tragische bewijs ervan.

Nieuw

Er zijn een aantal nieuwe deelnemers. Ieke: ‘We hebben met name mensen in de Vrolikstraat tussen de Beukenweg en de Eikenweg per brief gevraagd of ze mee willen doen aan het project. Ook de komende twee weken zijn aanmeldingen nog welkom. De gedenkwandeling zal dit jaar langs zo’n 30 à 40 huizen gaan, denken we. De komende weken gaan er dus nieuwe posters gemaakt worden.’

‘Ja, die vraag kwam laatst ook bij het comité ter sprake,’ antwoordt Ieke als ik haar vraag of ook onderduikadressen van Joodse mensen een item zouden kunnen zijn. ‘Er is veel moeilijker aan informatie te komen over onderduikadressen in de buurt. En of er veel zijn geweest is dus (nog) onbekend, al lijkt het waarschijnlijk dat er meerdere waren.’ #

Actuele info oost-online.nl en facebook 4 mei comité Oosterparkbuurt Amsterdam

Fred Zurel woonde zijn eerste levensjaar in de Derde Oosterparkstraat 125. Hij is één van de weinige nabestaanden. Zijn verhaal op de poster begint als volgt: ‘Op 21 januari 1943, ik was bijna één jaar, kregen mijn ouders bezoek. Iemand kwam vertellen dat ze hun koffers moesten pakken en klaar moesten staan. Ik was te ziek om met mijn ouders en beide broers, Robbie en André, mee te gaan en werd naar de bovenbuurvrouw gebracht.’

 

Vorig artikelBoek van de Week | ‘Een gelaten leven’ van Vita Sackville-West
Volgend artikelNederlands oefenen bij SamenSpraak Oost