Met de verkiezingen voor de stadsdeelcommissie Oost in aantocht meldt opnieuw een jonge kandidaat zich. Marius Ceulen (29) staat op plek twee van de D66-lijst. Hij woont in de Dapperbuurt en ziet kunst, cultuur en kansengelijkheid als onmisbare bouwstenen voor de stad. ‘Cultuur is eigenlijk het enige dat ons van de dieren onderscheidt.’
Op woensdag 18 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen, het vierjaarlijkse hoogtepunt van de lokale democratie. Tegelijkertijd is ook de verkiezing voor leden van de stadsdeelcommissie.
oost-online stelt de kandidaten in Oost aan je voor.
Arie Martijn Schenk
Ceulen groeide op in Amsterdam en bleef de stad vrijwel zijn hele leven trouw. Tijdens zijn studententijd in Leiden sloot hij zich aan bij D66. ‘Al op de middelbare school was ik geïnteresseerd in politiek. Daar voel ik me thuis. Ik ben een overtuigd liberaal.’
Thuis in Oost
Na jaren wonen in verschillende delen van de stad – West, Centrum en Zuid – belandde hij in Oost. Inmiddels woont hij in de Dapperbuurt. ‘Die buurt bevalt me goed. Je ziet hier hoe divers Oost is. Watergraafsmeer, Oud-Oost, de Indische Buurt en IJburg: elke wijk voelt anders, maar samen vormt het één stadsdeel.’ Volgens Ceulen zit juist in die verscheidenheid de kracht. ‘Oost laat goed zien hoe Amsterdam in elkaar zit. Dat karakter spreekt me aan.’
Van ondersteuning naar eigen rol
Ceulen draaide eerder mee als fractieondersteuner in stadsdeel Zuid. ‘Daar leerde ik het reilen en zeilen van het lokale bestuur kennen. In Oost loop ik straks mee met de huidige fractie.’ Die ervaring bracht hem tot een besluit. ‘Op een gegeven moment dacht ik: ik wil zelf iets doen. Ik merk om me heen dat mensen zich afkeren van de nationale politiek. Dat stimuleerde me om te laten zien dat de lokale politiek leeft en zichtbaar is.’
Zichtbaarheid speelt daarbij een grote rol. ‘Veel gebeurt buiten beeld. Juist in het stadsdeel moet je laten zien wat je doet. Nieuw vertrouwen kan van onderop beginnen.’
Kansengelijkheid als rode draad
Binnen D66 ziet Ceulen kansengelijkheid als kernwaarde. ‘Sommige mensen redden zich prima op eigen kracht, anderen verdienen een zetje in de rug. Je ziet een duidelijk verschil tussen de VVD en de PvdA. D66 zit daar precies tussenin, en daar voel ik me thuis.’
Die sociaal-liberale positie werkt Ceulen ook inhoudelijk uit. Onlangs schreef hij een artikel over sociale mobiliteit, dat binnenkort verschijnt bij het wetenschappelijk bureau van D66.
In De toekomst van een traditie: sociale mobiliteit uit de sociaal-liberale kelk beschrijft hij hoe talent zich nooit los ontwikkelt van maatschappelijke omstandigheden. Volgens Ceulen vraagt kansengelijkheid om meer dan individuele inzet alleen, juist omdat afkomst en omgeving nog altijd invloed uitoefenen op de kansen die mensen krijgen.
Dat vertaalt zich volgens hem in concrete thema’s in Oost. Jongerenwerk noemt hij als belangrijk speerpunt. ‘Vooral jongeren met ouders met een kleinere portemonnee verdienen aandacht.’ Ook schuldensanering en armoedebestrijding vragen blijvende inzet. ‘Die cijfers blijven confronterend.’
Jongeren een blijvende stem
Initiatieven zoals Oost Up tonen volgens Ceulen hoe belangrijk het is om jongeren te blijven betrekken. ‘Jongeren verdienen een vaste plek in het gesprek. Niet één keer, maar structureel.’
Hij verwijst ook naar IJburg. ‘Jaren geleden gaven twee meisjes bij mij op de basisschool een spreekbeurt over de toen nog gloednieuwe wijk. Ze gingen daar wonen. Toen leek het ver weg. Nu hoor je van jongeren dat ze zich soms onveilig voelen. Dat vraagt blijvende aandacht.’
Ondernemers op IJburg kampen volgens hem eveneens met uitdagingen. ‘De wijk groeit nog. Bereikbaarheid met openbaar vervoer en fiets kan beter. Dat helpt ook de lokale economie.’
Veiligheid vraagt maatwerk
Over de situatie in en rond het Oosterpark spreekt Ceulen voorzichtig. ‘De problematiek is complex. Gemeente, politie en andere partijen dragen samen verantwoordelijkheid.’
Camera’s lossen volgens hem niet alles op. ‘Dat veroorzaakt vaak een waterbedeffect. Dan verschuift het probleem naar een andere plek. Wat nodig blijft: aandacht, samenwerking en blijvende inzet.’
De problematiek rond dakloosheid noemt hij pijnlijk. ‘Achtduizend opvangplekken tegenover naar schatting vijfentwintigduizend dakloze mensen. Dat zijn zorgelijke aantallen. Daar moeten we serieus naar kijken.’
Kunst, cultuur en gemeenschap
Tijdens gesprekken met bewoners hoorde Ceulen veel zorgen over kunst en cultuur. ‘Landelijk verdwijnen er forse budgetten. In een stadsdeel als Oost raakt dat direct de instellingen en het plezier van bewoners.’
Hij pleit voor laagdrempelige cultuur voor meerdere doelgroepen. ‘Kunst en cultuur brengen mensen samen. Dat hoort bij een wijk als Oost.’ Ook kerkelijke gemeenschappen spelen daarin bijvoorbeeld een rol. ‘Religie zie ik ook als een expressie van cultuur. Op beide manieren zoeken mensen antwoorden op de vragen van het dagelijks leven.’
Karakter van Oost
Ondanks de uitdagingen spreekt Ceulen met warmte over het stadsdeel. ‘Oost voelt als een echt stuk Amsterdam. Ajax, Betondorp, Johan Cruijff – het karakter zit diep verankerd.’
Met zijn kandidatuur hoopt hij bij te dragen aan een zichtbaar en betrokken stadsdeelbestuur. ‘Juist hier, dichtbij de mensen, kan politiek verschil maken.’





