Ineens was het anders in het grote, statige gebouw aan de Amstel, waar H’ART Museum is gevestigd en waar vanaf de 17e eeuw tot begin deze eeuw oude mannen (en later gelukkig ook vrouwen) hadden gewoond. Het Amsterdam Museum was weg! Daar hangt nu werk van Jan Dibbets. In december 2025 waren ze vertrokken en dat had weinig ruchtbaarheid gekregen. oost-online ging daarom praten met Judikje Kiers, directeur van het Amsterdam Museum.
Anne-Mariken Raukema
We spreken elkaar op de beletage, naast museum Huis Willet-Holthuysen, met uitzicht op de Herengracht. Je kunt net het Amstelhof zien, waar het museum jarenlang onderdak kreeg.
‘In 2022 zijn we uit het Burgerweeshuis weggegaan’, trapt Kiers af. Ze vertelt dat ze vijftien jaar museum Ons’ Lieve Heer op Solder heeft geleid, inclusief de grote en ingrijpende verbouwing daar. Bij aantreden op 1 maart 2016 wist ze wat haar te doen stond: een grootscheepse renovatie in goede banen zien te leiden. En die van een pand waar heel veel ogen op waren gericht: het voormalig Burgerweeshuis, ingeklemd tussen Nieuwezijds Voorburgwal, Begijnhof, Kalverstraat en Sint Luciënsteeg.

Sinds 2022
In de zomer van 2022 werd het pand leeg opgeleverd en de vergunning voor de verbouwing, die wat op zich liet wachten, volgde datzelfde najaar. Maar toen trad een periode aan van veel vertraging door juridische procedures tot aan de Raad van State. Net als aan de Oudezijds met Museum Ons’ Lieve Heer op Solder, was hier steeds met omwonenden en andere belangenpartijen contact en overleg geweest over de plannen. Maar de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad (VVAB) heeft na een eerste rechtszaak hoger beroep aangetekend tegen de vergunning die de gemeente Amsterdam had afgegeven. In oktober 2024 heeft de Raad van State de gemeente Amsterdam in het gelijk gesteld. De omgevingsvergunning voor de renovatie van het Amsterdam Museum werd hiermee onherroepelijk.

Een levend monument
Het ging in deze rechtszaak vooral om de vraag of het college van burgemeester en wethouders een goede belangenafweging heeft gemaakt tussen aan de ene kant het belang van Amsterdam Museum voor een verbouwing en aan de andere kant het belang van de zorg voor het monument. De bezwaren die de Vereniging daartegenin heeft gebracht, gaven geen aanleiding om aan de zorgvuldigheid of begrijpelijkheid van die adviezen te twijfelen, meldde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Deze positieve uitspraak bracht weer schot in de zaak. Kiers vertelt dat kort daarna de aanbestedingsprocedure startte, die zeer binnenkort wordt afgerond. Dit jaar zal de verbouwing dan toch echt gaan beginnen en zal het ontwerp van
Neutelings Riedijk Architecten worden uitgevoerd. Zo kan het Amsterdam Museum ook in de toekomst zijn functie in het hart van de Amsterdamse binnenstad blijven uitvoeren én rechtdoen aan de monumentale waarde van het eeuwenoude pand. In dat levende monument zal het museum de verhalen van Amsterdam goed kunnen vertellen.
Terug naar nu
‘De aanbesteding is nu bijna rond. Binnenkort maken we bekend wie de klus gaat klaren. Intussen gingen de voorbereidingen van de verbouwing en restauratie, het zoeken naar financiering, het maken van plannen voor de herinrichting en andere werkzaamheden gewoon door,’ aldus Kiers. ‘En we bleven altijd zichtbaar en aanwezig in de stad. Met tentoonstellingen zoals Het Amsterdam van Piet van Eeghen en Vrouwen van Amsterdam, publieksprogramma’s en mooie educatieve projecten’.

Intussen was het eind 2024 en een jaar later zou het huurcontract van de museumvleugel aan de Amstel aflopen. Tien jaar eerder was de samenwerking met, wat toen heette museum Hermitage Amsterdam, begonnen een reeks groepsportretten, schuttersstukken en regentessen uit de collecties van het Amsterdam Museum en het Rijksmuseum. Paul Spies was destijds directeur. Het was een doorslaand succes. Ruim een miljoen bezoekers zagen die tentoonstelling. In zijn tijd verdween overigens ook H uit de naam: Amsterdam Historisch Museum werd Amsterdam Museum.
Keerpunt
‘Eind 2024 stonden we op een keerpunt’, aldus Judikje Kiers. De vergunning voor de verbouwing was rond, dus de stip op de horizon was helder: we gaan echt de volgende fase in op weg naar dat nieuwe Amsterdam Museum. Met het einde van de huurovereenkomst met H’ART Museum in zicht, eind 2025, stelden we ons de vraag ‘blijven we tentoonstellingen maken in de mooie tentoonstellingsruimten aan de Amstel, of gaan we op zoek naar andere locaties?’ Want dat het nog wel even gaat duren voordat de deuren van het Burgerweeshuis open gaan, dat is wel duidelijk. ‘Met de Raad van Toezicht en de medewerkers van ons museum hebben we voor twee sporen gekozen: de focus op de restauratie en verbouwing van het Burgerweeshuis en doorontwikkelen van onze satellietlocaties met allerlei partners overal in de stad.’

Kiers licht toe dat ze in de jaren aan de Amstel veel geleerd hebben. Oude routines werden losgelaten. Door het vullen van heel andere ruimten, veranderden de presentatiemogelijkheden en er kwam andere, nieuwe educatieve programmering.
Meer Amsterdammers
Voor het bezoekersprofiel en de aantallen had de verhuizing naar Oost ook gevolgen. Het aanvankelijk aantal betalende bezoekers (ca. 180.000) daalde naar zo’n 130.000, maar de (positieve) keerzijde was ook dat er weliswaar minder buitenlandse toeristen kwamen, maar dat meer Amsterdammers het museum bezochten. En dat was waar het museum op had ingezet met projecten en programma’s in de periode ter overbrugging naar de locatie in het centrum. Vrouwen van Amsterdam zal velen bekend in de oren klinken en de website het Geheugen van Oost is de bestlopende van alle ‘geheugens’ die in Amsterdam zijn ontwikkeld. Ook met het programma Verhalen van Aankomst en Collecting the City werden nieuwe groepen aangeboord.

Kiers: ‘We zijn echt een netwerkmuseum, een spin in het web met heel veel verbindingen. Huizen van de Wijk, bibliotheekvestigingen, op straat… Met universiteiten en uiteenlopende mbo-opleidingen in de stad werken we samen. We hebben zeven mbo-studenten voor vier uur per week in dienst die programma’s maken voor hun leeftijdsgenoten. Zo ervaren ze dat vanuit allerlei opleidingsrichtingen mogelijkheden zijn om in een museum te kunnen werken.’
De studenten maakten ook een gedicht (‘poem’) in de vorm van een filmpje over Amsterdam in Motion op het Westergasterrein. Deze enorme stadsmaquette is – naast Huis Willet-Holthuysen – de tweede vaste locatie van waaruit het Amsterdam Museum opereert.
Satelliet
Kiers somt de projecten op die nu lopen of waar aan gewerkt wordt. ‘In Noord stond tot voor kort de tentoonstelling ‘Nederland, word beter’, over vijftien jaar zwart activisme. Binnenkort opent in het Stadhuis een kinderexpositie, komend najaar is in – en in nauwe samenwerking met – het Stadsarchief de tentoonstelling Stadsgezichten te zien en in Boost in de Transvaalbuurt loopt nu nog net ook een mooi programma. Het fijne van het Stadsarchief is dat daar een prachtige tentoonstellingsruimte is waar de kostbare voorwerpen veilig kunnen worden opgesteld. Fantastisch dat we met zo’n partij, op zo’n mooie locatie mogen samenwerken.’ Ze wijst ook nog even op de volledigheid van de website, waar intussen ook hard aan gewerkt is en wordt.
Collectie van het Amsterdam Museum
Het Amsterdam Museum beheert zo’n 100.000 onderzoeksobjecten, die eigendom zijn van de stad Amsterdam. Sinds de oprichting van het museum in 1926, is dat aantal alleen maar gegroeid en groeit nog altijd. Er zitten prenten, tekeningen en schilderijen tussen. Gebruiksvoorwerpen, documenten, kleding…

Ook voor het vertrek uit het Burgerweeshuis was al een deel onderbracht in een enorm bakstenen depot in Amsterdam-Noord, aan de Backupstraat. Het kleinere depot nabij, aan de Disketteweg, is kortgeleden verhuisd naar een andere locatie. In de depots zijn de klimatologische en veiligheidsomstandigheden optimaal zodat er niets vervelends gebeurt.
Veel van de circa honderd, veelal jonge medewerkers hebben het Burgerweeshuis nog niet meegemaakt als professional. Een aantal houdt zich achter de schermen bezig met de voorbereiding en het begeleiden van bruiklenen van de collectie.

Dichtbij of veraf zijn werken uit de collectie van het Amsterdam Museum te zien. Zo hangt een van de topstukken, Rembrandts Anatomische les van dr. Deijman, tijdelijk in Museum Het Rembrandthuis. De 16de-eeuwse stadsplattegrond van Amsterdam, de Vogelvlucht, en een mooi werk van de 17de-eeuwse Willem van der Velde zijn uitgeleend aan het Rijksmuseum. Het Noordbrabants Museum in Den Bosch heeft tientallen werken uit de modecollectie van het Amsterdam Museum te leen. In Zandvoort hangen dertien bruiklenen. Die worden zowel actief uitgezet als door collega’s opgevraagd.
Tot slot de vraag aan Judikje Kiers waar ze na bijna tien jaar met plezier op terugkijkt. ‘Dat is toch het verbouwingstraject. Met dat grote project in het achterhoofd heb ik toen gesolliciteerd bij het Amsterdam Museum. Dat we dit jaar gaan door ontwikkelen, doet me heel veel deugd. Natuurlijk kijk ik ook met veel trots terug op de tentoonstelling in het Burgerweeshuis met de Gouden Koets en alle mogelijke uiteenlopende verhalen en reacties daarop. Want daar zijn we van en voor: bekende en onbekende verhalen een stem geven en altijd verschillende perspectieven bieden. En dat we dat dat we dat over een paar jaar weer in het Burgerweeshuis kunnen, daar kijk ik bijzonder naar uit.’
Check: www.amsterdammuseum.nl







