Kunstenares Theresa Menagé Challa is vorige maand 100 geworden. Ze vindt het zelf een beetje raar dat ze zo oud is, ‘maar ik kan er niks aan doen…’. Heeft ze een geheim? ‘Daar heb ik nog niet echt over nagedacht, misschien moet ik nog een tijdje leven om daarachter te komen,’ vindt ze glimlachend. 

Tekst en fotografie: Anita Boelsums

De wanden van het atelier aan de Zeeburgerdijk waar ze nu al meer dan 25 jaar woont, hangen vol met haar kunstwerken. Op tafel staat taart met een paar kaarsjes, die ze straks gaat uitblazen. In de brede gang achter de woonruimte worden door steun en toeverlaat achternicht Hanna voorbereidingen getroffen voor het feest ’s middags. Maar nu is daar eerst het officiële moment: stadsdeelvoorzitter Carolien de Heer overhandigt haar een prachtige bos bloemen en vindt het een eer op haar verjaardag te mogen zijn. Twee achternichten van Theresa zijn speciaal voor deze gelegenheid uit Canada overgevlogen. We proosten met alcoholvrije champagne (‘Van jouw vriend Ilja Gort,’ roept Hanna vrolijk) en we zingen Lang zal ze leven! 

Een leven vol creativiteit en avontuur…

Contraprestatie 

Theresa werd geboren in Spanje waar haar vader correspondent was van de Nieuwe Rotterdamse Courant. Uit een eerder huwelijk van haar moeder had ze een halfbroer en halfzus. ‘Maar die zaten op kostschool in Nederland.’ Toen haar vader op haar tiende overleed, vertrok het gezin naar Nederland en kwam al snel in Amsterdam terecht. ‘Later heb ik zelf lang op Rusland gewoond (nee niet in, haha) en daarna in de Bijlmer.’ Met een zoon waar ze voor moest zorgen en een knipperlichtrelatie met een Fransman zorgde ze als kunstenares voor haar eigen inkomen. ‘Je had in die tijd de contraprestatie, later werd dat de BKR. De gemeente kocht werken aan van kunstenaars en bracht dat onder in depots. Ik heb daar járen van geleefd, was dus ook elke dag bezig met kunst maken. Toen de BKR werd afgeschaft, kon ik niet meer twee huren betalen, die van mijn flat en die van mijn werkruimte, dus ben ik in mijn atelier gaan wonen. Dat werd en wordt nog steeds gedoogd.’ 

Prikkebeen 

Theresa heeft veel geëxposeerd maar was niet de geschikte persoon om haar werk aan de man te brengen, zo zegt ze zelf. ‘Dat zit gewoon niet in me. Ik ben ook niet een echte doorzetter. Als het niet lukt, dan denk ik: ach laat ook maar. Ik heb ooit marionetten gemaakt – die hangen daar nog in de kast – en er een heel stuk voor geschreven en geoefend met Hanna. We zouden Mijnheer Prikkebeen spelen. Mijn neef Carol van Herwijnen (een bekende acteur, red.) kon de tekst prachtig voorlezen. We hebben nog geprobeerd het op televisie te krijgen, maar dat is niet gelukt. Ach en dan denk ik: goed, we gaan weer iets anders doen.’ En ineens enthousiast: ‘Zouden we het nog kunnen, Hanna?’ 

Avonturen 

‘De mooiste tijd van mijn leven was dat ik als kind alleen met mijn vader was in Spanje; mijn moeder bracht mijn broer en zus naar Nederland. Hij had een motor met zijspan en dan reden we naar Madrid. We maakten tochtjes bij de rivier de Manzanares, het was daar zo mooi! We zijn zelfs met de motor naar Nederland gereden, onderweg kampeerden we. Heerlijke avonturen waren dat.’ 

Ze kan niet meer goed zien, dus helaas ook niet lezen. ‘De laatste tijd slaap ik veel. Of ik zit in de stoel te denken over dingen van vroeger en dan beleef ik dat ook heel erg sterk. Ik weet alles nog precies!’