Onder het Mr. Visserplein ligt een van de meest ongewone sportlocaties van Amsterdam. In de voormalige verkeers- en voetgangerstunnel combineert VROG freerunning, trampoline en urban dance. Midden in de stad, vlak bij Waterlooplein, de Stopera en de Portugese Synagoge, ontstaat zo een plek waar kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen bewegen, trainen, dansen en elkaar ontmoeten.
Arie Martijn Schenk
‘Een stadsere locatie dan dit zullen we nooit meer vinden’, zegt voorzitter Peter de Jong. ‘Sporten onder de grond, aan een straat die altijd in beweging is. Dat klopt helemaal met wat we doen.’ VROG zit sinds vier jaar op deze plek. De tunnelruimte telt 3.000 vierkante meter. De oude functie van de ruimte blijft zichtbaar. ‘Wat ik zelf mooi vind: de geschiedenis is hier tastbaar. Je loopt nog over het asfalt, je ziet de oude stoeprand.’
Ook het graffitiverleden van het mr. Visserplein speelt mee. De tunnel gold jarenlang als bekende plek voor straatkunst. ‘We omarmen die geschiedenis’, zegt De Jong. ‘Wij vroegen Amsterdamse graffiti-artiesten om nieuwe muurschilderingen te maken. Een knipoog naar het verleden en naar het stadse karakter van deze plek.’
Freerunning in een stadse omgeving
VROG begon met parkour en freerunning. De Jong omschrijft die sport als bewegen door een stedelijke omgeving, over en langs obstakels. ‘Je rent, springt, klimt en zoekt je weg door muren, balken en andere hindernissen. Eigenlijk is het een buitensport, maar binnen kun je veilig trainen en technieken aanleren.’ De combinatie met trampolines sluit daarbij aan. Zeker voor jonge sporters helpt een zachte ondergrond bij sprongen, landingen en salto’s. ‘Een salto leer je nu eenmaal makkelijker met een trampoline en een luchtkussen dan meteen op een harde ondergrond.’
VROG richt zich niet alleen op jongeren die spectaculaire sprongen willen maken. Kinderen volgen lessen, volwassenen trainen freerunning en calisthenics, groepen komen trampolinespringen en scholen en bedrijven gebruiken de ruimte voor activiteiten en uitjes. Volgens De Jong trekt VROG jaarlijks tienduizenden bezoekers. ‘In 2025 zitten we op ongeveer 60.000 bezoekers. Dat groeit, juist ook bij volwassenen.’
K-pop in de dansstudio
In de dansstudio groeit vooral K-pop hard. Sinds drie jaar staan K-poplessen op het programma. ‘We begonnen klein, met een groepje van zes meiden’, zegt De Jong. ‘In Amsterdam zijn ontzettend veel danslessen, dus je moet je onderscheiden. Voor kinderen bestond dit aanbod nog nauwelijks.’
Inmiddels dansen ruim veertig leerlingen mee, verdeeld over meerdere groepen. Op twee jongens na gaat het vooral om meiden. De aantrekkingskracht zit volgens De Jong niet alleen in de muziek. ‘Wat ik vooral mooi vind, is dat de meiden hier iets doen dat verder gaat dan alleen kijken naar trends op internet. Ze gebruiken de muziek om echt te bewegen en samen iets te creëren.’ Daardoor ontstaat een eigen community. Leerlingen blijven na de les oefenen, spreken elkaar op de locatie en huren soms in vakanties samen de studio. ‘Het verbindt sociale media met iets fysieks in de echte wereld’, zegt De Jong. ‘Dat vind ik sterk.’
Geen klassieke vereniging
VROG is geen klassieke sportvereniging, maar een stichting. Die keuze past volgens De Jong bij de manier waarop de locatie functioneert. Veiligheid, continuïteit en professionele begeleiding staan centraal. ‘Als je werkt, moet je betaald krijgen’, zegt hij. ‘Op zo’n locatie wil je eisen kunnen stellen aan mensen. Je wilt kwaliteit en veiligheid kunnen garanderen.’
Alle freerunlessen draaien daarom met instructeurs. Dat is volgens De Jong noodzakelijk. Tegelijk nuanceert hij het beeld dat vooral freerunning risico’s kent. ‘De meeste ongelukjes zien we juist op de trampolinevelden. Daar denken mensen sneller: hier kan mij niks gebeuren. Maar dat klopt natuurlijk niet.’
Maatschappelijke impact in beeld
VROG nam deel aan een impactmeting van Social Handprint. Die methode brengt de sociale en ecologische bijdrage van organisaties in beeld aan de hand van de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Voor VROG ging het onder meer om sport en bewegen, onderwijs, talentontwikkeling, toegang tot kennis en samenwerking met maatschappelijke organisaties.
De meting over 2024 komt uit op een indicatieve maatschappelijke waarde van 194.000 euro. Die waarde stijgt in 2025 naar 226.000 euro. De grootste bijdrage zit bij gezondheid en welzijn, vooral door de vele uren sport- en beweegactiviteiten. Voor De Jong zit de opbrengst van de meting niet alleen in het bedrag. ‘We zijn een maatschappelijke organisatie met wat we doen. Ik wilde gewoon eens weten: hoe zit dat dan? Kun je dat tastbaar maken?’
Het rapport helpt volgens hem vooral om scherper naar de toekomst te kijken. ‘Het belangrijkste wat ik eruit haal, is dat we nog heel veel kunnen doen. Je denkt al snel: we zijn maatschappelijk bezig. Dat klopt ook. Maar het proces opent je blik. Dit kan ook. En dit kan ook.’
Daarmee dient de meting ook als startpunt voor gesprekken met gemeente, fondsen en partners. ‘Voor ons is het vooral een gespreksmodel’, zegt De Jong. ‘We kunnen laten zien: als we dit gaan doen, verwachten we dat de impact groeit.’
Ruimte in een volle stad
In een stad waar sportlocaties schaars zijn, laat VROG zien dat ook verborgen plekken waarde kunnen krijgen. Een tunnel die ooit verkeer door de stad leidde, biedt nu ruimte aan kinderen die leren springen, jongeren die dansen, volwassenen die trainen en groepen die elkaar ontmoeten. ‘Ons doel is om zoveel mogelijk mensen, van jong tot oud, in beweging te krijgen’, zegt De Jong.
Juist dat maakt VROG bijzonder. Maatschappelijke sportwaarde ontstaat niet alleen op een voetbalveld, tennispark of klassieke sporthal. Ook onder een druk plein in het centrum kan sport ook bijdragen aan gezondheid, ontmoeting, talentontwikkeling en gemeenschapsvorming.






