In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van maart spreekt oost-online met politici uit Oost en Centrum over hun drijfveren en plannen voor de stad. Dit keer: D66-raadslid Suleyman Aslami, nummer 4 op de kandidatenlijst. De 38-jarige Amsterdammer kijkt terug op zijn eerste raadsperiode en vooruit naar een hoofdstad waarin vrijheid, ontmoeting en gelijke kansen richting geven aan beleid.

Op woensdag 18 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen, het vierjaarlijkse hoogtepunt van de lokale democratie. Tegelijkertijd is ook de verkiezing voor leden van de stadsdeelcommissie.
oost-online stelt de kandidaten in Oost aan je voor.

Arie Martijn Schenk

Van Kabul naar Amsterdam
Aslami kwam ter wereld in Kabul, waarna zijn ouders naar Nederland vertrokken. In Amsterdam groeide hij op in vrijheid, een ervaring die zijn politieke overtuiging blijvend vormde. ‘In Mokum horen we allemaal recht te hebben op een veilig bestaan en eerlijke kansen, ongeacht waar je wieg stond of in welk stadsdeel je opgroeit.’

In 2022 stelde hij zich verkiesbaar voor de gemeenteraad. Daaraan ging een lange periode van politieke inzet vooraf, eerst bij de Jonge Democraten en later binnen D66, met werkzaamheden in de Tweede Kamer en het Europees Parlement.

‘Politiek draait om mensen en hun leefwereld. Die leefwereld ligt vaak ver weg in Den Haag of Brussel. ‘All politics is local.’ In de gemeenteraad kun je daadwerkelijk verschil maken, mét mensen in plaats van over mensen. Ik vind het een eervolle functie, het raadslidmaatschap.’

Sociaal-liberale drijfveer
Aslami noemt zichzelf liberaal in hart en nieren en vindt binnen D66 de combinatie van individuele vrijheid en gezamenlijke verantwoordelijkheid. Van Mierlo sprak in 1968 over de noodzaak van een ‘revolutie voordat die uitbreekt’: geen gewelddadige omwenteling, maar een stille, democratische vernieuwing die frustraties van burgers verbindt met politieke macht en zo het vertrouwen in de democratie herstelt.

‘Die uitspraak van Van Mierlo geldt nog steeds’, zegt Aslami. ‘Vrijheid vraagt bescherming. In een onrustige internationale tijd moet je de handschoen durven oppakken en blijven werken aan democratische vernieuwing. Mijn ouders kozen bewust voor een leven in vrijheid. Dat besef neem ik elke dag mee in mijn werk voor Amsterdam.’

Wonen, ruimte en leefbaarheid
Binnen de raad houdt Aslami zich bezig met woningbouw, ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, sport, opvang, gemeentelijk vastgoed, digitale stad en het presidium. De wooncrisis ziet hij als een van de grootste opgaven.

‘Een huis vormt de basis om te werken, te leren of een gezin op te bouwen. Zonder ambitieuze keuzes loopt Amsterdam vast. We bouwen betaalbaar en duurzaam, mét oog voor kwaliteit, groen, sport en voorzieningen. Bouwen geldt nooit als doel op zich.’

Creatieve oplossingen
Schaarse ruimte vraagt volgens hem om creatieve oplossingen. ‘Laten we kijken naar meer groen en sport op daken en naar slimmer gebruik van het water. Een stad zonder sport en groen verliest haar leefbaarheid; dan raakt het hart uit de stad.’

Hij schetst een hoofdstad die ruimte vindt in nieuwe vormen van gebruik, met vaker zwemmen in schoon grachtenwater, sportvoorzieningen op daken en misschien zelfs een stedelijke surfplek aan de rand van de stad, zoals in Rotterdam waar midden in de stad al kan worden gesurft. ‘Het kan niet’ past niet bij Amsterdam. Creatief denken hoort bij onze branie.’

Zorgzame en inclusieve hoofdstad
Naast wonen vraagt ook bestaanszekerheid aandacht. Aslami wijst op het grote aantal dakloze Amsterdammers en de tienduizenden inwoners die moeite ervaren met lezen en schrijven. ‘Amsterdam hoort een zorgzame stad te zijn die inwoners vertrouwt en perspectief biedt. Extra opvang voor economisch dakloze mensen blijft nodig, net als toegankelijke dienstverlening. Digitale regelingen mogen niemand buitensluiten; hulp aan de balie blijft essentieel.’

Voor vluchtelingen en nieuwkomers ziet hij menswaardige opvang en snelle deelname aan de samenleving als uitgangspunt. ‘Amsterdam blijft een veilige thuishaven waar mensen vanaf dag één mee kunnen doen.’

Volgens Aslami schuilt in Amsterdam een traditie van vooruitgang. ‘Innovatie en ondernemerschap zitten in het DNA van Amsterdam. Voor grote transities vraagt de stad om technologie op basis van publieke waarden. Tegelijk moeten we scherp kijken naar de macht van big tech.’

Ontmoeting als hart van de stad
Minstens zo belangrijk vindt Aslami de plekken waar Amsterdammers elkaar treffen.
‘De stad leeft wanneer mensen elkaar tegenkomen. Sportverenigingen brengen jong en oud, hoog- en laagopgeleid en alle achtergronden samen. Daar klopt het hart van Amsterdam. Ook de inrichting van straten, pleinen en gebouwen moet ontmoeting stimuleren.’

Warme herinnering aan Oost
Warme herinneringen verbinden hem met Oost, waar hij in Betondorp ging wonen.
‘Tijdens het uitpakken van de verhuisdozen, stonden buren al met bloemen voor de deur. Dat moment blijft me bij en zegt veel over de kracht van de buurt.’

Ook de grachten bij avondzon, de vroege ochtend waarin de stad ontwaakt en het uitzicht vanaf het water geven telkens opnieuw een gevoel van thuiskomen. De wens om op meer plekken veilig te kunnen zwemmen hoort bij datzelfde verlangen naar een toegankelijke stad voor iedereen.

Met zijn kandidatuur voor 2026 wil Aslami verder bouwen aan een vrije, rechtvaardige en leefbare hoofdstad. ‘Amsterdam vraagt om moedige keuzes én vertrouwen in mensen. Alleen zo blijft de stad van ons allemaal.’