Yara, 26 jaar, is vierdejaars student Communicatie bij Hogeschool InHolland. Haar route begon op het vmbo, vervolgde via het mbo en bracht haar naar het hbo. Zij vertelt: ‘Elke stap omhoog voelde als een investering in mijn toekomst, het bewijs dat ik kon groeien en verder kon komen. Het idee was altijd duidelijk: studeren opent deuren. Maar nu ik bijna afstudeer, merk ik dat de praktijk niet aansluit op het verhaal dat ons jarenlang is verteld. Want hoe hoger ik studeerde, hoe lager de instap lijkt te zijn waar ik uiteindelijk terechtkom.
De twijfel kwam niet door één grote gebeurtenis, maar door vergelijking. Vrienden van mijn leeftijd, die na het mbo direct begonnen met werken, hebben inmiddels jaren ervaring opgebouwd. Zij staan stevig op een plek die ze zelf hebben ontwikkeld. En ik? Ik zoek nog steeds naar een startpunt. Ik solliciteer op stages in de hoop ergens te kunnen instromen, terwijl ik vier jaar hbo achter de rug heb.
Het moment waarop ik besefte dat er iets niet klopt, kwam toen ik merkte dat veel van de stages waar ik op kan reageren óók openstaan voor mbo’ers. Dan vraag ik mij af: waarom heb ik vier extra jaren geïnvesteerd, als ik nu alsnog op dezelfde trede moet beginnen?
Een duidelijk voorbeeld was mijn sollicitatie bij Pathé Thuis. Ik solliciteerde op de functie Social Media Coördinator een rol die past bij mijn niveau. Toen ik hoorde dat ze iemand zochten met ‘meer ervaring’, stelde ik zelf een oplossing voor: laat mij die functie eerst als stage doen, zodat ik gericht kan groeien en daarna instromen. Het antwoord was dat dit niet mogelijk was. Wel kon ik reageren op een bredere stage op instapniveau. Een plek waar ook mbo’ers terechtkunnen.
Dat was het moment waarop ik dacht: als vier jaar hbo niet voldoende is om überhaupt een eerste serieuze kans te krijgen, wanneer dan wel?
Voor sommige beroepen is een lange opleiding logisch en noodzakelijk. Niemand wil een arts zonder studie, of een ingenieur zonder technische basis. Maar veel functies, zeker in communicatie, media en creatieve sectoren, draaien grotendeels op learning on the job. Je leert door te doen. Toch vragen bedrijven hier vaak naar starters met twee of drie jaar ervaring, meerdere specialisaties en een cv dat past bij iemand die eigenlijk geen starter meer is.
Het is alsof veel bedrijven op zoek zijn naar een schaap met vijf poten: jong, ervaren, gespecialiseerd, flexibel en direct inzetbaar. Maar die combinatie bestaat bijna niet. En doordat deze eisen zo onrealistisch zijn, sluiten werkgevers onbedoeld hun eigen deuren. Niet alleen voor mij, maar voor een hele generatie gemotiveerde starters die juist willen leren, meedenken en waarde toevoegen – als ze de kans krijgen.
Daarom vraag ik ondernemers en organisaties om één ding: stop met zoeken naar het schaap met vijf poten, en begin met investeren in potentieel. Laat starters instromen op hun niveau, laat ze groeien, en zie wat ze precies door die groei kunnen betekenen.
Mijn verhaal staat niet op zichzelf. Het is het verhaal van veel jongeren die investeren in onderwijs, maar uiteindelijk botsen op ervaringseisen die simpelweg niet realistisch zijn voor hun levensfase. Zij willen beginnen. Zij zijn bereid om te leren. Het enige wat ontbreekt, is een werkgever die de eerste stap mogelijk maakt.
Dus de vraag blijft: Wanneer begint onze carrière eigenlijk echt?






