Op 26 januari 1901 kwam een aantal notabelen bijeen in een van de gebouwen van Artis om plechtig de palen van de eerste Amsterdamse Natuurhistorische Vereeniging te heien. Precies 125 jaar later wordt in de Koningszaal aan dezelfde Plantage Middenlaan het boek Wild Amsterdam ten doop gehouden.
Anne-Mariken Raukema
Aan het begin van de vorige eeuw ontstond binnen de groep Amsterdamse wetenschappers en veldbiologen de behoefte zich te organiseren. Hun aantal nam steeds toe en op 26 januari 1901 stonden de heren H. Heukels en H.W. Heinsius aan de wieg van de eerste veldbiologische vereniging. Ze werden daarbij gesteund door onder anderen Eli Heimans, Jac. P. Thijsse en Artis-directeur Kerbert.
De samenwerking tussen de Amsterdamse Natuurhistorische Vereeniging, wat later KNNV, de Koninklijke Nederlandse Natuurvereniging zou worden, en Artis dateert ook al van die tijd.
Stadsdonkertegebied
De feestzaal stroomt vol en ik schat de gemiddelde leeftijd boven de zeventig. ‘Dat komt omdat we vanouds determineerders zijn, veldbiologen, en die worden niet meer gemaakt’, zo krijg ik te horen. Andrea van Pol, bekend als invaller van Vroege Vogels op zondagochtend, leidt de avond. Rembrandt Sutorius, directeur van Artis, en Fons Bongers, voorzitter van de afdeling Amsterdam voeren een soort paringsdans op. Dat beide organisaties elkaar nodig hebben, wordt wel duidelijk. Over en weer zullen er lezingen in de gebouwen van Artis plaatsvinden. De inventarisatie- en pluisgroepen, dat zijn de mensen die de braakballen van kerkuilen en vleermuizen ontleden, krijgen er af en toe onderdak. Geïnventariseerd worden nachtvlinders, paddenstoelen en nog veel meer. Mooi meegenomen is dat Artis wereldwijd het eerste stadsdonkertegebied is.
Eli Heijmans niet toegelaten
NNV-secretaris, Eli Heimans, bekend van de Verkade-albums, maar niet zo bekend als Jac. P. Thijsse, speelde destijds de rol van postiljon d’amour tussen beide organisaties. Het was de tijd waarin Amsterdam eigenaar was van het Naardermeer en van plan was dat te dumpen met stadafval en huisvuil. Dat leidde tot de oprichting van Natuurmonumenten. De actieve Eli Heimans werd echter niet toegelaten tot het bestuur van Natuurmonumenten, omdat hij Joods was. Onversneden antisemitisme.
Verwonderde reis door de tijd
Interessant was het verhaal waarop Sophie Wartenbergh, kunstenaar en sociaal ontwerper, de toehoorders trakteerde. Kernwoord was verwondering. Ze vroeg de gemeente de ogen te sluiten en bijna iedereen gehoorzaamde. Ze nam ons mee van 1250, toen veen, moeras, struiken, mist en nevel het gebied waar nu Amsterdam ligt, domineerde, tot nu. Ze deed 1585 aan, we zagen jonge lindebomen, zagen schippers de haven uit varen.
En 1900, toen de kleine woningen vochtig waren, de fabrieken stonken, het Sarphatipark net geopend was en er plannen werden gesmeed om het Naardermeer, op 15 km afstand van de uitdijende stad, te dempen met stadsafval. De oorlog en de naoorlogse periode komen langs. In 2000 zien we een postzegelparkje, ruiken een meidoornstruik en horen de zingende merel in top. Wartenbergh eindigt met de oproep om opnieuw inheems te worden. Haar verhaal sluit goed aan bij de drie panelen in de hal, die de Amsterdamse stadsnatuur in historisch perspectief plaatsen
Wild Amsterdam
Samensteller en eindredacteur Rob Biersma vertelt over de totstandkoming van het jubileumboek, Wild Amsterdam. Ton Denters, ecoloog en specialist stadsflora, schreef met 10 procent een leeuwendeel. Finette van der Heide en Geert Timmermans beschrijven (onder andere) hoe het Amsterdamse Bos en Waterland gespaard zijn gebleven, dankzij het Amsterdamse Uitbreidingsplan uit 1934. Biersma besluit optimistisch dat het per saldo goed gaat met de Amsterdamse stadsnatuur, zeker in vergelijking met de raaigrasvelden die de provincie domineren.
KNNV Amsterdam
De afdeling Amsterdam is de oudste van alle landelijke afdelingen. Het predicaat ‘Koninklijke’ kreeg de Vereniging bij het 50-jarig bestaan. De KNNV-afdeling Amsterdam is de oudste veldbiologische vereniging van Nederland. De KNNV stond ook aan de wieg van een aantal andere natuurorganisaties zoals Natuurmonumenten en IVN. Omstreeks 1960 splitste het IVN zich hiervan af. Vaak wordt samengewerkt met deze en andere organisaties zoals tijdens ‘het Jaar van de Bij’ en ‘Operatie Steenbreek’.
In 2001 werd het 100-jarig bestaan van onze afdeling gevierd. Dit jaar wordt het 125-jarig bestaan gevierd met de uitgave van een jubileumboek (Wild Amsterdam), lezingen en andere festiviteiten.
De KNNV-afdeling Amsterdam heeft zeven ereleden: Ger van Zanen († 2015) (2 maart 1991), Hein Koningen (3 maart 2000), Nico Schonewille († 2019) (12 maart 2011), Geert Timmermans (12 maart 2016), Finette van der Heide (22 september 2022), Tobias Woldendorp (22 september 2022) en Christiane Baethcke (8 maart 2025).
De KNNV, met een grote Amsterdamse afdeling, is een van de vele organisaties die zich bezig houden met stadsnatuur. In totaal zijn maar liefst 16.000 vrijwilligers in Amsterdam actief op dit gebied.






