Home BoekvandeWeek Boek van de Week | ‘De kooi’ van Alberts Bels

Boek van de Week | ‘De kooi’ van Alberts Bels

0

Boek van Week 16

Soms ben je wel eens in een verhaal en denk je “… dit ken ik of dit herinnert mij aan…”. Dat overkwam mij bij de eerste hoofdstukken van de recent in het Nederlands verschenen roman van de Letse schrijver Alberts Bels (1938-2024). Op een soms zakelijke, soms lyrische wijze vertaald door Brenda Lelie. Precies de goede woorden op het juiste moment. Brenda Lelie vertaalde ook ‘Moedermelk’ van de Letse Nora Ikstena, in 2023 verschenen bij Uitgeverij Koppernik.

De kooi verscheen in 1972, de tijd van de Sovjet bezetting van Letland en de andere Baltische staten.

Welke rol kan mijn literatuur vervullen in het verzet tegen een totalitair regime? Dat heeft Bels zich meermaals afgevraagd in een omgeving waar censuur aan de orde van de dag was. De kooi laat dit op subtiele en metaforische wijze zien. Je weet, ik lees een verzetsroman, maar waar zit het verstopt?

Riga – hoofdstad van Letland – is het decor waar het allemaal begint in deze psychologische detective roman. Aan de hand van een spannend verhaal brengt Bels laag na laag verdieping aan.
Op een dag verschijnt er een ongeruste vrouw aan de balie van de afdeling vermiste personen van de lokale militsia. Valdis Strūga, rechercheur bij de afdeling, ontvangt haar vriendelijk, nodigt haar uit om te gaan zitten, wappert de geur van tabaksrook nog even weg, rommelt wat in zijn papieren, terwijl de vrouw de omgeving intensief in haar opneemt. Dan vertelt ze dat haar man Edmunds Bērsz, een gerespecteerd architect, niet is teruggekeerd van een bezoek aan zijn ouders. Hij is vetrokken met de auto, maar nooit meer in Riga aangekomen. “Kunt u mij alsjeblieft helpen met hem terug te vinden?” Het blijft in de eerste helft van het boek onduidelijk of Bērsz vrijwillig is vertrokken, het slachtoffer is geworden van een misdrijf of in de problemen is gekomen met de autoriteiten.

De zoektocht naar Bērsz brengt ons dichter en dichter bij de psychologische kern van het leven onder een dictatoriaal regime. Hoewel het boek ook plot gedreven is, geeft de achterflap al veel inzicht in de gedachteontwikkeling die Valdis Strūga en Edmunds Bērsz steeds dichter bij elkaar brengt. Licht ambitieuze mensen die uiteindelijk via steeds diepgaandere zelfreflecties en gedwongen existentiële meditatie, bevestigd zien wat hun uiteindelijk staande houdt.

De kooi is een prachtige, intelligente (detective)roman, vol dagelijkse, menselijke ontwikkelingen. Angsten, aannames over het verloop der dingen, hoe kan ik mij tot een kooi verhouden, reflecties en hoe puur toeval je leven blijvend kan bepalen. De kooi als metafoor voor het beknellende systeem en zo tegelijkertijd duidelijk maakt dat de geest nooit gekooid kan worden. De geest is vrij!

“Je hebt mijn lichaam met tralies omwikkeld, maar je zult met jouw tralies nooit in mijn hoofd kunnen komen. Daarin zit mijn kracht en jouw zwakte. Mijn gedachten zijn zo vrij als een vogel. Wat maakt het uit als ik dood zal gaan, als stof zal ik door de tralies uitwaaien, ik zal vrij zijn in de atomaire oorsprong, maar jij, kooi, zal wegroesten en uit elkaar vallen, want geen enkele kooi is voor de eeuwigheid gemaakt. Alleen wij mensen zijn dat.”

Het was in de kamer van rechercheur Valdis Strūga, dat ik mij niet in Riga bevond, maar in de kamer van commissaris Maigret aan de Quai des Orfevres in Parijs. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat Alberts Bels liefhebber is geweest van de door Georges Simenon geschapen commissaris. Hoe hij de personages en de omgeving waarin zij zich bevinden schetst en de wijze waarop het onderzoek wordt aangepakt, dat lijkt een regelrechte ode aan Maigret.

Het belangrijkste verschil? Valdis Struga existeert in de Sovjet-Unie, Maigret leeft in Parijs.

_____

De Kooi is geschreven door Alberts Bels
Vertaald door Brenda Lelie
Verschenen bij uitgeverij Oevers
Mark Vermeer
is boekenadviseur bij IJburg Boeken, IJburglaan 561