Vrouwen en meisjes worden op straat en thuis geconfronteerd met intimidatie en agressie. Een voorbeeld daarvan zijn drie verkrachtingen in onze eigen buurt, in het wooncomplex Stek Oost. Hier wonen zo’n 250 studenten en statushouders samen in Amsterdam-Oost.
Evelien Polter | Fotografie: Henk Pouw
De statushouders, bijna allemaal jongens, werden via het COA geplaatst zonder aanvullende voorwaarden of screening. De Nederlandse jongeren daarentegen kregen een duidelijke verplichting: minimaal één uur per week buddy zijn voor de jonge vluchtelingen uit o.a. Eritrea en Syrië. Het resultaat was een scheve verhouding in verantwoordelijkheden.
Onvoldoende bewijs
Op 15 januari jl. wijdde Zembla een uitzending aan deze samenlevingsvorm. (Oud-)bewoners spreken in deze documentaire over intimidatie, seksueel geweld en een langdurig gevoel van onveiligheid. De incidenten in Stek Oost waren niet incidenteel. In anderhalf jaar tijd deden (oud-)bewoners van Stek Oost meer dan twintig aangiftes vanwege aanranding en geweld, bleek al in 2022. In dat jaar werd een van de bewoonsters verkracht door een van de vluchtelingen nadat zij hem Nederlands had willen leren. De rechtszaak hierover werd geseponeerd omdat er onvoldoende bewijs van de verkrachting beschikbaar was. Het slachtoffer gaat weer bij haar moeder wonen. De dader blijft in zijn studio in Stek Oost.

Na onderzoek van Het Parool in datzelfde jaar kwamen nog veel meer incidenten aan het licht, van steekpartijen tot zedendelicten, waarvan jonge vrouwelijke bewoners slachtoffer werden. Zij voelden zich niet veilig in hun woning. In de zomer van 2024 werd door dezelfde als de hierboven genoemde statushouder veroordeeld tot drie jaar cel voor twee verkrachtingen die na het eerste incident plaatsvonden.
In de Zembla-uitzending vertelt het eerste slachtoffer van de verkrachting dat de man dwingend en manipulatief was een heel ver ging om zijn zin te krijgen. Zijzelf kon nergens heen om hulp te krijgen om hem van zich af te houden. Het geweld dat zij meemaakte was vermijdbaar geweest als zij beschermd zou zijn tegen degene die haar belaagde.
Misleidend
De Gemeente Amsterdam die opdrachtgever van het project is, betreurd de ontstane situatie. De verantwoordelijke wethouders stelden dat risico’s nooit volledig uit te sluiten zijn en dat vergelijkbare problemen zich ook voordoen in gewone studentenhuizen. Dat is een misleidende vergelijking. Een regulier studentenhuis kent geen bewoners met een potentieel trauma- of vluchtverleden, vereist geen buddy-constructies en brengt geen doelgroepen samen die professionele begeleiding nodig hebben. Wanneer een gemeente bewust kwetsbare groepen combineert in één woonproject, ligt de zorgplicht hoger, niet lager. Zeker wanneer er meerdere signalen zijn van onveiligheid.
Het project blijkt schadelijk voor iedereen
Uit de televisie-uitzending blijkt dat het project schadelijk is voor iedereen: voor de vrouwen die geweld meemaakten, voor de statushouders die juist veiligheid en rust nodig hadden, en voor het draagvlak voor opvang in de buurt.
De Amsterdamse burgemeester Halsema zet stevig in op een veiliger stad voor vrouwen. Meer aandacht en zorg van de gemeente voor woonprojecten waar studenten en statushouders samenwonen zou voor haar prioriteit moeten zijn.






