Aan de Cruquiusweg, pal op Cruquius-eiland, is er sinds een jaar een plek waar de deur al vroeg opengaat en gesprekken vanzelf ontstaan. Boefzak viert bijna het éénjarig bestaan. De horecazaak van Tahné Bals (30) voelt voor veel buurtbewoners inmiddels vertrouwd. Niet vreemd, want de onderneemster woont zelf aan de overkant.

Arie Martijn Schenk

De naam roept soms vragen op. In het Oostends dialect betekent het smulpaap of vreetzak. ‘Als je uit de patisserie komt, past dat eigenlijk perfect’, zegt Tahné met een glimlach. Ooit stond ze in de keuken van De Librije, nu runt ze haar eigen lunch- en dagcafé in Amsterdam.

Van patisserie naar buurtzaak
Tahné groeide op in Oostende en werkte jarenlang als patissier. Via stages en werkervaring, onder meer bij De Librije, leerde ze het vak tot in detail. Toch bleef de wens knagen om iets eigens te beginnen. Geen formele zaak, maar een plek waar buurtbewoners makkelijk binnenlopen.

Nog voor de opening ging Tahné in gesprek met bewoners van Cruquius-eiland. Wat misten zij? Wat werkt wel, wat juist niet? Die gesprekken vormden de basis voor het menu. ‘Veel mensen waren het hippe een beetje zat. Ze vroegen om een uitsmijter, een tosti ham-kaas. Vanuit mijn patisserieachtergrond heb ik dat vertaald naar broodjes die daarbij aansluiten.’

Taart als herkenningspunt
Boefzak staat ook bekend om het huisgemaakte gebak. De chocolate cookie en worteltaart vinden gretig aftrek. Aan de toonbank lonken brownies, cheesecakes en andere zoete verleidingen. Koffie, ontbijt en lunch vullen het aanbod aan. Vanaf 1 februari schuift daar ook een avondmaaltijd bij aan, tot 20.00 uur. ‘Voor het eerst’, zegt Tahné. ‘Dan richten we ons alleen op burgers.’

Elke ochtend om kwart voor acht uur gaat de deur open. Op sommige dagen staan dezelfde gasten al vroeg binnen. ‘Ik zie ze bijna dagelijks. Dat maakt het bijzonder.’ Ook vanuit het hotel verderop weten bezoekers Boefzak te vinden.

Een plek die meebeweegt met de buurt
De gastenkring varieert per moment van de dag. Overdag lopen buurtbewoners binnen, later schuiven vrienden of gezinnen aan. Kinderen spelen met de spelletjes die klaarstaan, muziekliefhebbers draaien zelf een plaat op de platenspeler. Aan de wand hangen tekeningen van kinderen uit de buurt, die spontaan hun weg naar de zaak vonden.

‘Het voelt soms alsof Boefzak hier al jaren zit’, zegt buurtbewoner Tanja. ‘Het bruist hier. Ik kom graag met een vriendin langs. En die brownies… daar blijf je voor terugkomen.’ Tahné herkent dat gevoel. ‘Ik ken bijna iedereen bij naam. Het vervult echt een buurtfunctie. Mensen praten hier makkelijk met elkaar.’ Zelf noemt ze zich lachend ook een praatpaal. ‘Soms komen mensen gewoon even binnen voor een praatje.’

Eigen inrichting, eigen verhaal
De inrichting draagt bij aan die sfeer. Alles volgt haar eigen smaak. Samen met haar ouders en vriend struinde ze tweedehandszaken af. Vintage lampen, stoelen en tafels vullen de ruimte, aangevuld met handgemaakte elementen.

Een vriendin maakte keramieken kopjes, geen enkel exemplaar hetzelfde. Een graffiti-maker uit België beschilderde de wand. ‘Hij doet dat als hobby. Dat maakte het extra leuk.’ De theeliefhebber krijgt tevens de ruimte. Aan de theestand stellen gasten zelf hun kop samen.

Blik op wat komt
Cruquius-eiland ontwikkelt zich nog volop. Een buslijn ontbreekt nog, waardoor de bereikbaarheid met het ov beperkt blijft. ‘Dat gaat wel komen’, zegt Tahné nuchter.

Rond Valentijn staat een kleine actie gepland. Met buurtcoöperatie De Eester denkt ze na over Koningsdag. ‘Veel bewoners willen het graag lokaal vieren, hier op het eiland, niet in de drukte van de stad. Misschien zet ik daar iets voor op.’

Voor nu blijft Boefzak vooral wat het inmiddels vanzelf lijkt: een plek waar je binnenloopt voor koffie, blijft voor het gesprek en soms vertrekt met een stuk taart onder de arm. Precies zoals Tahné het voor ogen zag – dicht bij huis, midden in de buurt.