Ik kende Nils al als collega Riksjapiloot bij de stichting Fietsen Alle Jaren Amsterdam. Maar begin juli stond hij ineens op de voorpagina van Het Parool. Aanleiding was een enorme muurschildering (mural) die hij aan het maken was op de hoek van de Prins Hendrikkade en Nieuwe Foeliestraat. Pikant daaraan was – vandaar de publiciteit – dat hij daar geen toestemming voor gekregen had van de gemeente Amsterdam.

Fokko Kuik interviewt bekende en minder bekende, oude en nieuwe ondernemers in Oost. 

Een van de redenen was dat de gemeente het werk te ‘nostalgisch’ vindt. Het beeld van een oudere zeeman, met op de achtergrond havenactiviteiten zoals die hier ooit te vinden waren, verwijst inderdaad naar vroeger. De eigenaar van het pand was er gelukkig wel blij mee en ook buren die er dagelijks op uit kijken toonden zich enthousiast. Maar er is een risico dat het kunstwerk toch weer zou moeten verdwijnen. Ook AT5 en De Telegraaf – altijd alert als er een schandaaltje dreigt in Amsterdam – doken op het nieuws.

Aangemoedigd door andere riksja-piloten ging ik ook maar eens kijken en zag Nils op één van de laatste op zijn gehuurde hoogwerker de laatste puntjes op de i zetten op het megaschilderij van 20 bij 20 meter. Hij heeft er 10 dagen van 14 uur aan gewerkt, waaronder op die hele warme dagen in zijn eerste week. Op mijn vraag of ik hem een keer mag interviewen voor oost-online als hij weer wat uitgerust is, zegt hij volmondig, ja.

Twee weken later tref ik hem onder de Amsterdamse brug, waar hij werkt aan een veel kleinere mural van een vogel. Op zijn negentiende kwam Nils (nu 33) voor het eerst op deze voor graffitibeoefenaars populaire plek en was meteen enthousiast. Niet alleen over dit graffitiparadijs, maar vooral ook over Amsterdam.

Als zoon van een Belgische moeder en Amerikaanse vader groeide hij op in een klein plaatsje in de staat Virginia en begon daar al jong (12 à 13 jaar) met graffiti en wilde al snel nooit meer iets anders doen. ‘Mijn opa was ook kunstenaar en mijn ouders steunden mij ook in mijn ambitie’, vertelt Nils. Toch ging hij geen schilderkunst studeren, maar op aanraden van een vriend fotografie en cinema in Richmond. ‘Ook in die opleiding leer je heel erg in beelden denken, dus daar heb ik nooit spijt van gekregen.’

Eenmaal afgestudeerd maakte hij wel een paar muziekvideo’s, maar voor het maken van films heb je veel meer organisatie, andere mensen en geld nodig. Best ingewikkeld allemaal en over het resultaat was hij nooit helemaal tevreden. Al snel koos Nils dan ook weer voor zijn oude liefde: het maken van murals en andere schilderijen. ‘Dan ben je alleen afhankelijk van jezelf.’

Naar Amsterdam kwam hij sinds dat eerste bezoek nog vaak, soms een paar keer per jaar. ‘Bij een vriend in West was ik altijd welkom’. Dankzij zijn Belgische paspoort kon hij altijd gemakkelijk naar Europa reizen. Toen hij vier jaar geleden de kans kreeg om in het Oostelijke Havengebied een appartement te huren aarzelde hij geen moment en ging permanent in Amsterdam wonen.

De vele fietsers in Amsterdam fascineerden hem ook enorm en hij besloot er in eigen beheer een fraai geïllustreerd boekje over te maken, The Amsterdam Cyclist. Met behulp van verfijnde sjablonen – een van zijn specialiteiten – maakte hij vijftig beelden van 25 bij 25 cm in een oplage van 300. ‘Ik was altijd op jacht met mijn fototoestel om bijzondere fietstaferelen te vinden ter inspiratie’. Helaas zijn de boekjes uitverkocht, maar volgend jaar april komt er nog wel een tentoonstelling van in New York!

Nils kan al sinds zijn afstuderen (11 jaar geleden) prima leven van zijn werk als graffiti-artiest en schilder. Hij krijgt nog regelmatig opdrachten uit de VS, maar ook uit Europa en zelfs een keer uit Australië. Naast muurschilderingen maakt hij ook kleiner werk op doek en papier in zijn atelier in Noord.

‘Het werken aan grote kunstwerken op buitenmuren is fantastisch om te doen, maar het is wel een aanslag op je lichaam, dus niet eeuwig vol te houden.’ Niels werkt net als zijn vrienden een paar meter verderop met spuitbussen, maar net zo lief met gewone latex. Hij laat me zijn half afgeknipte kwastje zien waar hij vaak gebruik van maakt om zowel wat grover als subtieler mee te kunnen schilderen. Een van zijn stijlkenmerken is ook het werken met ‘druipers’. Door de verf wat aan te lengen met water krijg je een leuk dynamisch effect, waarin je zelfs de windrichting in kan terugvinden. Ga maar eens dichtbij kijken bij zijn enorme mural bij de Prins Hendrikkade.

Het is nog steeds onzeker of het portret van de zeeman daar nog lang te bewonderen is, is nog steeds onzeker. Hij heeft er inmiddels weer contact over gehad met het stadsdeel en de gebiedsmanager. Zolang er geen serieuze bezwaren komen is er niks aan de hand. En anders staan enthousiaste buurtbewoners al klaar voor een actie ten behoud ervan.

Voor onze Riksja-passagiers hebben we er weer een leuke bestemming bij gekregen en de publiciteit heeft voor Nils ook al geleid tot wat nieuwe contacten. Meer over het werk van Nils vind je op zijn www.nilswestergard.com. Verder is hij regelmatig te vinden bij zijn graffitivrienden onder de Amsterdamse brug. Toen Nils zo’n 20 jaar geleden begon met deze uit de hand gelopen hobby waren er nog maar twee anderen die dit ook deden in Richmond. ‘Inmiddels is het wereldwijd verbreid en is het bijna een soort lifestyle geworden.’

Een dag later ging ik kijken hoe die vogel van zondagmiddag geworden is. ‘Als je te lang wacht bestaat het risico dat het alweer overgeschilderd is. Dat hoort nu eenmaal bij deze kunstvorm’. Gelukkig was het nog ongeschonden te bekijken.